Naar hoofdmenuNaar hoofdinhoud

HomeThema'sOrganisatie langdurige zorgBekostiging

Mensen met een beperking moeten zorg en ondersteuning kunnen krijgen bij de organisatie van hun eerste keuze. Dat klinkt vanzelfsprekend, maar in de praktijk is dat niet altijd het geval. Daarvoor is persoonsvolgende bekostiging nodig.

De bekostiging van zorg uit de Wet langdurige zorg (Wlz) verloopt nu vaak op basis van 'productieafspraken' die zorgkantoren en individuele zorgaanbieders samen maken. Afspraken over bijvoorbeeld het maximaal aantal cliënten waarvoor een zorgaanbieder jaarlijks betaald wordt. En afspraken over de tarieven die aanbieders ontvangen voor de zorg en ondersteuning die zij leveren.

Als iemand bij een zorgaanbieder aanklopt die aan zijn plafond van de afspraak van het aantal te helpen cliënten zit, dan moet de organisatie ‘nee’ verkopen. Of hij moet de zorg en ondersteuning uit eigen zak betalen. Deze situatie is onwenselijk voor de cliënt en zorgaanbieder. De VGN pleit daarom voor persoonsvolgende bekostiging. Het zorgkantoor betaalt de zorgaanbieder dan voor elke cliënt die voor hem kiest. De cliënt kan daardoor ook makkelijker wisselen van zorgaanbieder op het moment dat de zorg niet meer past bij zijn vraag.

Om mensen met een beperking nog meer zekerheid en vrijheid te bieden, roept de VGN zorgkantoren op om de jaarlijks wisselende voorwaarden en tarieven om te zetten naar vaste, uniforme afspraken. Nu wisselen de tarieven die het zorgkantoor aan de zorgaanbieder betaalt per cliënt, ondanks dat de zorgzwaarte van de ene cliënt exact dezelfde is dan die van de andere. Persoonsvolgende bekostiging sluit aan bij de levenslange ondersteuningsbehoefte, waarvan de precieze invulling wel per cliënt per moment kan wijzigen. Een belangrijke voorwaarde is dat de overheid voldoende budget vrijmaakt om iedere cliënt de benodigde zorg te kunnen bieden.

Icon TwitterLinkedIn IconIcon FacebookIcon Mail