Naar hoofdmenuNaar hoofdinhoud

HomeThema's

Knak, zei het leven van Marjan Heintjes vijftien jaar geleden. Ze kreeg een bloedvergiftiging, een herseninfarct, en lag dagenlang in coma. Toen ze wakker werd, kon ze niet meer op woorden komen, deed haar rechterhand het niet meer en had ze moeite haar emoties in bedwang te houden. Weg baan als persoonlijk begeleider in de gehandicaptensector, weg rijk sociaal leven.

afbeeldingen

Afbeelding 1 van 2

Nu volgt Heintjes een Hersenz-behandelprogramma. Trudy Bleumink is haar thuisbehandelaar. Voor Heintjes op tafel staat een doos met houten blokken. Bleumink: ‘Marjan, als je hier kijkt, hebben we vier houten balken. Welke staat voor jouw leven?’ Heintjes pakt een balk die uit twee delen bestaat, die met een elastiekje aan elkaar zitten. En waar allerlei kerfjes in staan. ‘Dit is mijn leven. Een leven voor en een leven ná.’

Bouwen aan je leven met behulp van een blokkendoos

De blokkendoos waar Heintjes en Bleunink mee werken, heet de Yucelmethode. Bleumink is geschoold in de methode en zo'n anderhalf jaar geleden ging Heintjes er voor het eerst mee aan de slag. Ze bouwde een opstelling die haar toenmalige leven representeerde en eentje die voor haar gewenste leven stond. Van beide opstellingen maakte Bleumink een foto.

‘Bij mijn eerste opstelling waren vrienden eigenlijk geen echte dragers. En mijn persoonlijk begeleider stond heel dicht bij me’, vertelt Heintjes. ‘Ik had het idee dat ik zelf niet in het midden van mijn leven stond.’ En dus ging Heintjes aan de slag. Ze keek welke vrienden belangrijk voor haar waren en ging met ze in gesprek. ‘Een vriend bijvoorbeeld was helemaal voor mij gaan zorgen. Dat wilde ik niet. Ik wilde een gelijkwaardige vriendschap. En ik wilde beter voor mezelf zorgen.’ Van Bleumink kreeg ze daarom een rood blokje mee dat Heintjes in de opstelling als zichzelf had neergezet. Overal waar ze kwam, zette Heintjes het blokje voor zich op tafel. Zodat ze zichzelf letterlijk zag.

Tastbaar en beeldend

Externaliseren noemen ze dat, in de Yucelmethode. Met de blokken verbeeldt Heintjes hoe haar leven eruit ziet. Door de situatie tastbaar te maken, wordt het simpeler om problemen en behoeften aan steun in hun onderlinge verband te zien.

De Yucelmethode, die vijftien jaar geleden is bedacht door maatschappelijk werker en systeemtherapeut Mehmet Yucel, wordt steeds vaker in de gehandicaptenzorg toegepast. Zoals Hersenz, het samenwerkingsverband van dertien zorgorganisaties dat behandelingen biedt aan mensen met hersenletsel en hun naasten leren leven met de gevolgen van dit hersenletsel. Maar ook in de verstandelijk gehandicaptensector wordt het toegepast.

Wieke Huizing werkt als GZ-psycholoog/orthopedagoog met mensen met GGZ-problemen en een IQ lager dan tachtig. ‘Mensen met een verstandelijke beperking vinden het vaak moeilijk om gevoelens in woorden uit te drukken. Maar als ik ze vraag: wie of wat in je leven geeft je steun, kunnen ze het zo pakken: hun ouders, hun PlayStation, muziek. En als ik vraag: waar word je blij van, weten ze dat ook. Als je alleen maar praat met cliënten, zonder iets fysieks erbij, zijn ze de helft alweer vergeten als ze de kamer uitlopen. Nu werkt het door. Cliënten nemen het beeld mee. Komen ze de volgende keer bij me en zeggen ze: ik heb er nog eens over nagedacht, maar dit blokje moet meer zo. Doordat we steeds foto’s van de opstelling maken, zien cliënten vooruitgang. Soms druk ik foto’s klein af en plastificeer ik ze, zodat cliënten ze kunnen meenemen in hun portemonnee en herinnerd worden aan hoe ze het graag willen.’

Makkelijker praten over moeilijke onderwerpen

Ander voordeel aan externaliseren is dat je gemakkelijker praat over moeilijke onderwerpen. Huizing: ‘Een moeilijke vraag is vaak: Wat ga jij doen aan je drugsverslaving? Wanneer je naar het blokje drugsverslaving wijst en zegt: hoe ga je dit kleiner maken, praat dat veel gemakkelijker. Doordat mensen gemakkelijker praten, zijn er soms heel makkelijke oplossingen te vinden.’

Marjan Heintjes in Amersfoort heeft haar leven in anderhalf jaar al een heel eind ingericht naar hoe ze het anders wilde. Ze staat zelf weer ferm in het midden, heeft fijne vrienden en haar begeleider is helemaal niet meer in beeld als steunpilaar. Het blok eenzaamheid is nog wel een dingetje. Heintjes: ‘Of nou ja eenzaam, ik vraag niet gauw hulp. Laatst was de verwarming kapot en toen heb ik zelf gebeld voor een monteur. Maar dan moet je kiezen met die menu’s in de telefoon, ik begreep het niet. Ik werd er helemaal dol van. Toen zei een vriend: had mij dan gebeld. En daar had ik helemaal niet aan gedacht.’ Bleumink: ‘Dan kunnen we daar de volgende keer verder over praten, over hoe je eraan kunt denken om hulp te vragen. Zodat dit blok de volgende keer nog kleiner is.’

 

In Markant #3 leest u het volledige artikel over de Yucelmethode.

Icon TwitterLinkedIn IconIcon FacebookIcon Mail