CAO Gehandicaptenzorg 2017-2019

Hoofdstuk 2: Het aangaan en beëindigen van de arbeidsovereenkomst

Artikel 2:5 Einde van de arbeidsovereenkomst

  1. De arbeidsovereenkomst eindigt:
    1. met wederzijds goedvinden;
    2. wanneer de werknemer de AOW-gerechtigde leeftijd heeft bereikt;
    3. van rechtswege door het verstrijken van de termijn of door de beëindiging van de werkzaamheden, waarvoor de overeenkomst is aangegaan;
    4. in geval van een overeenkomst voor onbepaalde tijd door opzegging met inachtneming van artikel 2:6;
    5. door beëindiging om dringende redenen, als bedoeld in de artikelen 7:678 en 7:679 BW;
    6. door ontbinding door de kantonrechter ingevolge artikel 7:671b of 7:671c BW;
    7. terstond, door eenzijdige beëindiging door de werkgever of werknemer tijdens een schriftelijk overeen gekomen proeftijd;
    8. van rechtswege in geval van overlijden van de werknemer;
    9. op de eerste dag van de volgende kalendermaand, indien de werknemer die de arbeidsovereenkomst in verband met een bevalling wenst te beëindigen dit schriftelijk en uiterlijk 10 kalenderdagen na de bevalling aan de werkgever heeft medegedeeld;
    10. op het tijdstip waarop van het recht op de overbruggingsuitkering ingevolge de pensioenregeling van het Pensioenfonds Zorg en Welzijn gebruik wordt gemaakt, tenzij de werknemer en werkgever in onderling overleg schriftelijk anders overeenkomen. Werkgever en werknemer overleggen daartoe uiterlijk drie maanden voor de datum waarop de werknemer gebruik wenst te maken van de overbruggingsuitkering. De werknemer dient hiertoe tijdig aan de werkgever te melden dat hij gebruik zal gaan maken van de overbruggingsuitkering.
  2. In geval het bepaalde in lid 1 sub b van toepassing is, eindigt de overeenkomst op de dag voorafgaand aan de dag waarop de werknemer de AOW-gerechtigde leeftijd bereikt, tenzij voorafgaand aan deze datum in overleg tussen werkgever en werknemer een andere einddatum is overeengekomen.