Zorgplannen: verschillen en overeenkomsten VVT- en gehandicaptensector

Man die een krant leest

Het werken met zorgplannen of ondersteuningsplannen is zowel binnen de gehandicaptenzorg als de ouderenzorg en thuiszorg gebruikelijk. In het zorgnetwerk rondom ouderen met verstandelijke beperkingen krijgen medewerkers vanuit de gehandicaptenzorg, ouderenzorg en thuiszorg te maken met verschillen én overeenkomsten in werkwijze en format.

Voor oudere mensen met een verstandelijke beperkingen is het van belang een zorgplan snel bij te kunnen stellen. Veranderingen kunnen namelijk sneller optreden of zich onverwacht voordoen.

De VVT-sector en de gehandicaptensector hanteren verschillende namen voor het zorgplan. De gehandicaptenzorg gebruikt ‘ondersteuningsplan’, de VVT-sector ‘zorgleefplan’. De visie op inhoud en wijze van werken met zorg- of ondersteuningsplannen lijkt echter veel op elkaar. Bij beiden gaat het om de kwaliteit van leven met behoud van zoveel mogelijk eigen regie en autonomie. Methodisch te werk gaan is bij beiden aan de orde.

Overzicht verschillen en overeenkomsten

Kennis van de overeenkomsten en verschillen bij het hanteren van zorg- of ondersteuningsplannen maakt samenwerking en afstemming makkelijker. Dit kan bijvoorbeeld leiden tot het ontwikkelen van één format, waarin specifieke aandachtspunten voor ouderen met verstandelijke beperkingen opgenomen kunnen worden.

Overeenkomsten

  1. De individuele wensen en behoeften van de zorgvrager zijn het uitgangspunt, zowel bij het zorgleefplan als het ondersteuningsplan. Dit binnen de gegeven kaders van de zorgprofielen (bij zorg in het kader van de Wet langdurige Zorg (WLZ).
  2. Het zorgleefplan en het ondersteuningsplan worden opgesteld, geëvalueerd en geactualiseerd  in samenspraak met de cliënt (of zijn vertegenwoordiger).
  3. Het gaat om ‘kwaliteit van leven’ (VVT) of ‘kwaliteit van bestaan’ (gehandicaptenzorg). De ‘eigen kracht’ of ‘zelfredzaamheid’ van de cliënt en zijn directe sociale netwerk zijn het vertrekpunt. De geboden zorg en ondersteuning sluiten hierbij aan en ondersteunen of versterken het vermogen tot eigen regie.
  4. Het zorgleefplan en het ondersteuningsplan bevatten diverse domeinen of levensgebieden waarop zorg en ondersteuning betrekking heeft. Er is sprake van een integrale aanpak die al deze gebieden ondersteunt.
  5. Beide sectoren hebben zich - voor wat betreft de WLZ - te houden aan het Besluit Zorgplanbespreking (2015). Zij zijn op basis van dit besluit verplicht de zorgvrager te betrekken bij het opstellen van het zorgleefplan en het ondersteuningsplan.
  6. Zowel in de VVT-sector als binnen de gehandicaptenzorg is de kwaliteit van de dialoog tussen zorgvrager en zorgaanbieder en de vaardigheid om goed te luisteren en zich in de leefwereld te verdiepen belangrijk.

Verschillen VVT- en gehandicaptensector

VVT-sector

Gehandicaptensector

 

Het werken met zorgleefplannen en aandacht voor kwaliteit van leven vraagt om een brede wijze van kijken naar de kwaliteit van leven van een zorgvrager. Van oudsher lag de focus in de VVT sector meer op de somatische problemen en de behoeften aan ondersteuning bij de algemene dagelijkse levensverrichtingen (ADL). Nu is er ook aandacht voor mentaal welbevinden en zingevingsvragen. Ook het stimuleren van meer beweging is opgenomen d.m.v. een 'Individueel beweegplan'.

 

 

De insteek vanuit de gehandicaptensector is van oudsher meer gericht op het welzijn van de zorgvrager en de ondersteuning bij het leiden van een zo gewoon mogelijk leven. Het accent ligt op ondersteuning bij ontwikkeling en groei op diverse levensgebieden. Vanuit de opleidingen is meer aandacht voor pedagogische en welzijnsaspecten.

 

Het gebruik van levensverhalen, het in gesprek gaan met cliënt en familie over wensen en behoeften om een goed beeld te krijgen van de persoon, de achtergrond en de leefwereld van de zorgvrager, is steeds meer een normale gang van zaken binnen de VVT-sector. Levensverhalen worden vooral  toegepast bij de zorg voor ouderen met dementie.

 

 

Het ondersteuningsplan wordt vooral gebruikt om een goed en zo compleet mogelijk beeld weer te geven van de zorgvrager op alle levensgebieden. Daarbij uitgaand van de mogelijkheden, die iemand heeft.

Het ondersteuningsplan volgt alle ontwikkelingsfasen die iemand in zijn leven doormaakt. Op deze wijze is het levensverhaal vaker al geïntegreerd in het ondersteuningsplan.

 

 

Het sociale netwerk rondom de zorgvrager wordt in de VVT-sector steeds meer aangesproken om een aandeel te leveren in de uitvoering van het zorgleefplan. Binnen de thuiszorg gebeurt dit al langer. Samenwerking met familie en mantelzorg rondom zorg en ondersteuning wordt in de ouderenzorg steeds belangrijker en krijgt steeds meer aandacht.  

 

 

Het sociale netwerk wordt aangesproken. De geboden ondersteuning bouwt voort op de eigen mogelijkheden en - voor zover van toepassing - de mogelijkheden van familie en het overige sociale netwerk.

Ondersteuning op maat betekent dat de geboden ondersteuning hierop aansluit en hiermee afstemt.

 

De eindverantwoordelijkheid voor de inhoud en uitvoering van het zorgleefplan kan verschillend geregeld zijn. Soms is dat de specialist ouderenzorg of de teamleider, in andere gevallen de Eerst Verantwoordelijke Verzorgende (EVV) of contactverzorgende. De specialist ouderenzorg blijft  altijd eindverantwoordelijk voor het somatische domein. Dit zorgt voor een relatief sterkere focus binnen multidisciplinair overleg op de verpleegkundige en (para)medische zorg.

 

 

De  persoonlijk begeleider is verantwoordelijk voor het tot stand komen, de uitvoering, evaluatie en actualisatie van het ondersteuningsplan.

De gedragskundige toetst de inhoud van het ondersteuningsplan en gaat op basis hiervan het gesprek aan met de persoonlijk begeleider

 

Het zorgleefplan is gebaseerd op de ‘Normen voor verantwoorde Zorg’.  Deze normen hebben betrekking op  vier domeinen. Dit zijn:

  • lichamelijk welbevinden;  
  • mentaal welbevinden;
  • woon- en leefomstandigheden;
  • participatie.

 

 

Het ondersteuningsplan is gebaseerd op het model van Schalock, waarin domeinen worden onderscheiden die gezamenlijk de kwaliteit van bestaan bepalen. De volgende levensgebieden krijgen aandacht in een ondersteuningsplan:

  • wonen;
  • leren en ontwikkeling;
  • gezondheid;
  • werk;
  • belangenbehartiging;
  • sociale relaties.

Daarnaast bevat het ondersteuningsplan een risico-analyse. Met name op het gebied van gezondheid, gedragsproblemen of kwetsbaarheid en beïnvloedbaarheid.

 

 

Actiz heeft een model-zorgleefplan ontwikkeld. Dit format kan als basis dienen voor zorgorganisaties. Binnen de wettelijke kaders zijn zorgorganisaties vrij dit format te volgen of eigen formats te gebruiken.

 

 

VGN heeft een Handreiking Ondersteuningsplannen. Vanwege de grote diversiteit van de doelgroepen is niet gekozen voor één model-ondersteuningsplan. Er bestaan veel voorbeelden van ondersteuningsplannen voor diverse doelgroepen met veel aandacht voor aangepast taalgebruik en beeldmateriaal (bijvoorbeeld pictogrammen).

 

Het zorgleefplan wordt gebruikt in verpleeghuizen en binnen de thuiszorg en komt bij ouderen meestal in beeld in de laatste levensfase, waarin fysieke en/of psychische beperkingen een belangrijke rol spelen.

 

Oudere cliënten in de gehandicaptenzorg hebben vaak al gedurende een veel langere periode met een ondersteuningsplan te maken, dat als het ware ‘meegroeit’. Breed kijken naar verschillende levensgebieden is meer vanzelfsprekend. 

Meer informatie
 

  • Ondersteuningsplannen
    Op het Kennisplein Gehandicaptensector zijn diverse producten te downloaden voor het werken met een ondersteuningsplan, zoals een handreiking, werkboek, brochure enzovoort.
  • Kwaliteit van bestaan bij de ouder wordende cliënt
    Document opgesteld door het Netwerk Gedragskundigen Ouderen (NGO)2011. Bevat richtinggevende vragen, die een handvat bieden voor begeleiders, gedragskundigen en andere ondersteuners bij het opstellen van een zorgplan.
     
  • Website: Mijnplanmaken.nl
    Met deze website helpen zorgorganisaties RIBW en Frion mensen met een verstandelijke beperking om een goed begeleidings- of ondersteuningsplan te maken met behulp van het door de gemeente verstrekte budget voor begeleiding.
     
  • Zorgleefplan Wijzer
    Website voor verzorgenden en verpleegkundigen over het Zorgleefplan, met veel informatie en ervaringen.
     
  • Module bewegingsgerichte zorg voor Zorgleefplan
    Module (2013) bij het Zorgleefplan Verantwoorde Zorg (Actiz 2006). Hoe bewegingsgerichte zorg in de praktijk te brengen met het zorgleefplan.
     
  • Raamwerk Individueel Zorgplan
    Coördinatie Platform Zorgstandaarden voor chronisch zieken (CPZ), 2015
    Dit raamwerk is een modelzorgplan dat zich richt op een individuele patiënt met één of meerdere complexe gezondheidsproblemen, waarbij een keten van zorgverleners betrokken is. Bijvoorbeeld: huisarts, apotheker, medisch specialist, verpleegkundige, fysiotherapeut enz. Voor ouderen met verstandelijke beperkingen die lijden aan een of meer chronische ziekten (bijvoorbeeld diabetes) kan dit modelzorgplan een aanvulling zijn op het bredere ondersteuningsplan.