‘Het dromen, dat is zó belangrijk’

Veel landen hebben een minister voor Gehandicaptenzaken. Nederland niet. Televisiemaker Lucille Werner brengt daarin verandering. Een ludieke actie? Zeker niet: ‘Zolang mensen met een handicap nergens apart benoemd zijn, zijn ze ook niet urgent.’

dromen

Televisiemaker Lucille Werner, bekend van Lingo, heeft het ‘knettertjedruk’ met een perstoer, want dit gesprek vindt plaats vóór de televisie-uitzending waarin straks de nieuwe minister van Gehandicaptenzaken verkozen wordt. Maar vooral de zes kandidaten zijn druk met hun verkiezingscampagne, benadrukt ze – Boaz Spermon, Frances Vereijken, Rick Brink, Sandra Ballij, Sven Romkes en Thijs de Lange. (Inmiddels is de uitslag bekend: de winnaar is Brink (33), die in een rolstoel zit en fractievoorzitter is van het CDA-raadslid in de gemeenteraad van Hardenberg, zie pagina 6).

De televisiemaker, die zelf moeilijk loopt sinds haar geboorte en die het initiatief nam tot de verkiezing, heeft er zin in: ‘Cabaretier Vincent Bijlo zit in de jury, en ook Leontien van Moorsel – haar zus heeft kinderen met een handicap. Er wordt gestemd door het publiek. Zelf stem ik niet, ik doe met Anita Witzier de presentatie.’

Wat gaat de minister doen? Is hij of zij een soort ombudsman die misstanden aankaart?

‘Om te beginnen is dit ministerschap een echte baan. De winnaar is een minister-met-camera, die goede voorbeelden gaat laten zien, maar ook wat er misgaat voor mensen met een handicap. KRO-NCRV, de grootste omroep van Nederland, biedt meteen een podium. De kracht van deze minister is dat hij heel erg op beeldvorming zal focussen. Het is mooi dat Markant hier aandacht aan besteedt, want de VGN is een organisatie waarmee deze minister goed zou kunnen samenwerken. Er is al zoveel onderzoek gedaan en kennis verzameld door onderzoeksinstellingen en belangenverenigingen, daar wil je ook iets mee doen voor het grote publiek. Een minister kan dat goed voor het voetlicht brengen.’

Is dit een ludieke actie, of wil je dat er uiteindelijk een minister met politieke bevoegdheden komt?

‘Jazeker! Laatst was ik in Ecuador, waar president Moreno in een rolstoel zit. Dat heeft een ongekend effect op het land, mensen met een handicap staan daar niet meer aan de zijlijn. Hij voert inclusief beleid. Er zijn ministeries voor mensen met een handicap in Canada, Groot-Brittannië, Australië en Zuid-Afrika. Dat betekent veel voor de inclusieve gedachte.

Het excuus van de Nederlandse politiek is steeds: elk ministerie heeft al een deeltje dat zich bezighoudt met mensen met een handicap. Als je dat apart gaat trekken, los je de problemen niet integraal op. Volgens mij is het andersom. We hebben het hier over een enorm versplinterde, ongedifferentieerde groep en daarom is er maatwerk nodig. Dé gehandicapte bestaat niet. Ik pleit voor een apart ministerie van Gehandicaptenzaken, want zolang mensen met een handicap nergens apart benoemd zijn, zijn ze ook niet urgent. ’

De gehandicaptensector heeft een wat passief imago, waar weinig op de barricaden wordt geklommen. Wil je daar iets mee?

‘Dat is helemaal waar en dat heeft alles te maken met zichtbaarheid. Gehandicaptenbeleid wordt gekenmerkt door stroperigheid, onzichtbaarheid en complexiteit. Ik wil dat weer fris maken. We gaan net zo lang door tot de politiek ons omarmt. We hebben al enig commitment, want minister De Jonge heeft toegezegd vanuit zijn ministerie iets met dit initiatief te zullen doen. Het gaat erom dat mensen met een handicap kunnen meedoen. Ik zeg wel eens: we hebben het over de grootste vergeten groep van Nederland: er zijn bijna 2 miljoen mensen met een handicap. Als televisiemaker en ervaringsdeskundige vind ik al jaren dat er meer aandacht voor moet komen. Ik hoop dat die aandacht zich als een olievlek zal verspreiden.’

Dertien jaar geleden presenteerde je het programma Mis(s)verkiezing, waarin ‘mooie vrouwen met een handicap’ streden om de mistitel. Hoeveel is er sindsdien veranderd?

‘Het was voor het eerst dat er televisie over mensen met handicaps werd gemaakt. Daarna volgden er heel veel programma’s, zoals Je zal het maar hebben en Down met Johnny, die bijdroegen aan de awareness. De zoektocht naar een minister is veel inhoudelijker, ook omdat KRO-NCRV met het hele project is verweven. We hebben afgesproken dat dit niet een kortdurend bevlieginkje is.’

En wat als de minister politiek gevoelige thema’s gaat verkondigen?

Maar dat móet ook. Ik vind het schandelijk dat basisscholen vaak niet toegankelijk zijn voor kinderen met een lichamelijke beperking, zodat zij verplicht naar een mythylschool moeten. Net als in Denemarken zou wettelijk geregeld moeten zijn dat scholen voor iedereen toegankelijk moeten zijn. Als je jonge kinderen met een handicap meteen weg plaatst naar elders, hoe verwacht je dan dat ze straks wél meedraaien in het systeem als ze gaan werken? Mijn grootste irritatie is de slechte doorstroming van school naar werk. Kinderen die in het onderwijs onzichtbaar zijn, zijn straks ook onzichtbaar voor werkgevers.’

Is er plaats voor afwijkingen in de ‘perfecte’ televisiewereld? 

‘Het gaat ook over empoweren. Mensen denken vaak: die baan is niet voor mij weggelegd. Toen ik laatst op de Utrecht Canal Pride was, viel me de saamhorigheid onder homo’s op: ze staan daar zo trots, of ze nu wel of niet door hun omgeving worden geaccepteerd. Hoewel mensen met een handicap onderling ontzettend verschillend zijn, moeten we ons soms ook als groep manifesteren, denk ik. We zijn vaak niet trots op onze handicap. Het is iets wat ons anders maakt, het wordt bestempeld als een zwakte.

Bij mijn geboorte werd in de buurt gezegd: er is een ongelukkig kind geboren bij de familie Werner. Het omgaan met een handicap geeft je wel een bepaalde power. Ik vind dat we trots mogen zijn op onze handicap.’

De dokter zei tegen je ouders: veel succes hoef je van dit kind niet van te verwachten, dus geef haar maar een extra grote pop.

‘Ja. Ik was toen vier jaar en kon, ook wel ter compensatie, al vroeg praten. Ik ben nooit met poppen gaan spelen, want dan werd je niet succesvol, had ik begrepen. Ik heb er een soort spel van gemaakt. Kinderen zagen: hé wat leuk, als we Lucille omgooien gaat ze huilen. Na een tijdje dacht ik: eens kijken wat er gebeurt als ik lach. Toen was het niet meer leuk. Als we ons realiseren dat teleurstellingen bij het leven horen, kunnen we er beter mee omgaan.’

Hoe heb jij je weg gevonden in Hilversum?

‘Door te dromen. In de basis wilde ik Madonna worden. Tot grote ergernis van mijn moeder kocht ik schoenen waar ik niet op kon lopen. Ik was steeds danspasjes aan het bijschaven. Ik wilde iets met show, entertainment, praten en zingen. Hele programma-aftitelingen schreef ik over op een blaadje. Ik zag dat de namen De Mol en Van de Ende vaak voorkwamen en begreep: die doen kennelijk iets bij de tv. Ik schreef brieven en werd uiteindelijk door Joop van den Ende uitgenodigd voor een screentest. Als je echt iets wil, geeft dat mentale kracht.

Ik kan het heus nog wel eens moeilijk vinden om een groepje mensen te passeren, op weg naar mijn auto, omdat ik dan onzeker ben hoe ze over mijn lopen denken. Maar het dromen, jezelf ergens zien, de kick ontdekken in jezelf; dat is zó belangrijk. Als je merkt dat je iets doet waarbij je vaker glimlacht dan normaal, ben je op de goede weg. Durf de telefoon te pakken en te zeggen: ik wil graag bij jullie werken.’

Wat zijn je plannen voor de komende tijd, blijft dit thema voorlopig aanwezig?

‘Ik vind het mooi om bij de publieke omroep dit soort maatschappelijke programma’s te maken. Ik had ook bij de commerciële omroepen kunnen blijven, maar dat heb ik bewust niet gedaan. Dat wil niet zeggen dat ik nooit meer spelletjesprogramma’s zal presenteren, maar ik wil af en toe aan de boom schudden, zoals we nu ook doen met deze verkiezing doen.

Met mijn Lucille Werner Foundation richt ik me op beeldvorming in de media van mensen met een lichamelijke handicap. We bedenken ideeën voor tv-formats. Je ziet de posters van de programma’s hier op kantoor om me heen hangen. Zoals van de jeugdserie Caps Club die we maakten, waarin kinderen met een handicap de hoofdrol speelden. Siggy, de jongen in de rolstoel die je op de foto ziet, wilde opgeleid worden tot acteur. Helaas is hij inmiddels overleden. Soms vindt een omroep het spannend, mensen met handicaps in beeld brengen, en daar helpen we ze mee.’

Waarom is beeldvorming zo belangrijk?

‘Onbekendheid met het hebben van een handicap zorgt ervoor dat we in een kramp schieten. Terwijl het helemaal niet erg is als mensen onwennig doen. Ik pleit voor de vrijheid van een beetje onhandigheid in de omgang met handicaps. Neem het Lingo-loopje van mij. Mensen dachten: wat heeft zíj nou? Sommigen vonden het ongemakkelijk of zeiden: wat een slechte decorbouwer, dat het daar zo moeilijk loopt. Ieder jaar was er weer ander commentaar. Op een gegeven moment gingen ze me nadoen en verschenen er zelfs YouTube-filmpjes over.

Als ik met jou praat heb ik geen handicap, maar als we straks van een trap af moeten wel. Ik heb vooral weinig kracht in mijn benen en ben altijd bang dat ik mijn balans kwijtraak. Als ik opsta let ik erop of ik iets kan vastpakken, of ik grijp iemands arm. Fysieke toegankelijkheid op straat vind ik een minder groot probleem dan het gebrek aan sociale toegankelijkheid: nieuwsgierigheid en je openstellen voor anderen. Hopelijk gaat de nieuwe minister voor Gehandicaptenzaken meehelpen om die sociale toegankelijkheid voor mensen met een handicap te verbeteren.’ 

LUCILLE WERNER

1986 - 1990        studie PR en communicatie

1996                      tv-debuut presentator Actueel Shownieuws

2004                      boek Het leven loopt op rolletjes

2005 - 2014        presentator Lingo

2006                      oprichting Lucille Werner Foundation

2006                      eerste Mis(s) Verkiezing op tv

2010                      benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje Nassau

2011                      winnaar Martin Luther King Award

2012                      winnaar Majoor Bosshardtprijs

2013 - 2016        Caps Club op tv

2019                      presentator KRO-NCRV

2021                      president Nederland

Foto gemaakt door: Aleid Denier van der Gon

Deze pagina is een onderdeel van