Yaël is de dochter van Sanne en Hanno. Ze ontwikkelt zich niet volgens de normen, en blijkt zwaar verstandelijk gehandicapt en autistisch te zijn. Yaël zal nooit kunnen praten, zal niet zindelijk worden, en zal altijd op het niveau van een peuter functioneren. Sanne blijft lang geloven dat het slechts om een ontwikkelingsachterstand gaat. Iets wat Yaël heus wel gaat inhalen als ze wat groter is. Als bij de kinderarts de term ‘retardatie’ valt, voelt ze verzet: ‘Kom op zeg, ze is pas anderhalf! Moet Yaël nu al presteren?’ Sanne vindt het hysterisch gedoe.

Het besef van de ernst dringt langzaam door. Yaël tikt urenlang met een snoer tegen de verwarming, gilt ’s nacht euforisch, en krijgt medicijnen tegen epilepsie.
Het boek gaat over de steeds terugkerende ziekenhuisbezoeken, moeizame aanvragen voor pgb, de zorgen over later, en de weerslag die de zorg heeft op de relatie. Het gaat ook over wanhoop en twijfels (Is het mijn schuld? Had ik het kunnen voorkomen?), over tevergeefs hopen dat het 'goed komt', en het averechts effect van dat uitputtende gevecht.
Hoe aangrijpend ook, het boek is ook geestig. Voor het ‘ikbesef’ zingen de toegewijde leidsters op de antroposofische school elke ochtend voor alle kinderen een persoonlijk lied: ‘Ik ben Yaël, en Yaël dat ben ik’. Sanne en Hanno zingen dat ’s avonds voor ego’s op televisie: ‘Ik ben Peter R. en Peter R dat ben ik’.
Ze twijfelen over een tweede kind. ‘Misschien kan die later voor Yaël zorgen’, hoopt Sanne. Maar ze stort in en gaat in therapie. Langzaam leert ze haar controledrang te bedwingen en ontstaat er ruimte voor acceptatie. Op een kinderfeestje ziet ze een groepje volwassen verstandelijk gehandicapten lekker in de zon op een terras tevreden mompelen en wiegen. Dan gaat het boek over inzicht. Wat is de maatstaf voor een menswaardig bestaan? ‘Dat is beseffen dat je iemand bent’, luidt de conclusie van Sanne. ‘Klein en minimaal, maar ook groot en veelomvattend.’  Maar het boek gaat vooral over de onvoorwaardelijke liefde van een moeder voor haar kind. ‘Yaël is bijna zeven, en precies goed zoals ze is. Kijk toch eens hoe lief ze is. Hoe puur en echt!’

Kader
Sanne Kloosterboer, Wonderkind, Bruna, 2012, 160 pag., 14,95 euro, ISBN 9789400501768.