Achtergrond

‘Participatie mogelijk door ondersteuning’

‘Ook voor gehandicapten is het cruciaal dat we de participatiesamenleving niet verwarren met het einde van de verzorgingsstaat’, zegt Evelien Tonkens. ‘Gehandicapten willen graag participeren. Dat kan meestal alleen met ondersteuning van organisaties.’

Op 1 mei nam Tonkens afscheid als bijzonder hoogleraar Actief Burgerschap aan de Universiteit van Amsterdam, met een rede over vijf misvattingen over de participatiesamenleving.

1. De participatiesamenleving markeert het einde van de verzorgingsstaat.

“Dat is onjuist. Zelfs de meest spontane initiatieven zijn een product van interactie tussen beleidsmakers en burgers. De vraag is niet meer hoe de overheid zich zo snel mogelijk kan terugtrekken, maar hoe die interactie het beste gestalte kan krijgen. Zinvolle dagbesteding moet georganiseerd worden, net als zinvolle contacten in de buurt.’ 

2. De interactie tussen burgers onderling en tussen burgers en overheid is een kwestie van herverdeling van taken en verantwoordelijkheden.

‘De herziening van de verzorgingsstaat is meer dan dat. Het is een hervorming van onze morele emoties: de overheid wil dat wij anders gaan voelen en oordelen. Dat er een verlangen ontstaat naar onderlinge zorgplicht, gesteund door het besef dat hervormingen onvermijdelijk en noodzakelijk zijn.’

3. De participatiesamenleving is een doe-democratie. Moderne burgers willen aanpakken, niet leuteren.

‘Er is wel veel dynamiek. Dat mag vooral niet ophouden. Maar het is geen alternatieve democratie. Eerder goedgemutste machteloosheid, die is ingegeven door het vermarkten van de publieke sector. Dit creëert nieuwe verhoudingen tussen burgers en professionals. We missen politieke instituties die onvrede op grotere schaal productief kunnen maken. Zo kan de politiek zonder veel tegenspraak bepalen wat participatie moet inhouden.’ 

4. De participatiesamenleving doen we gezellig samen…

‘Door actief te worden in de buurt vinden mensen elkaar, is de overtuiging. Dat gebeurt soms ook. Maar met een oproep tot actief burgerschap bereik je vooral mensen die het al doen. Met name mensen met familieleden die een beperking hebben of mensen die zelf in de zorg werken.’ 

5. Participatie is een fluitje van een cent.

‘We weten vaak domweg niet hoe we anderen kunnen bereiken en benaderen. En al helemaal niet hoe we op een interessante en respectvolle manier van mening kunnen verschillen. Participerend burgerschap moet je meer als een ambacht zien. Iets waar je met volharding aan werkt, zonder harde strijd of softe praat. De participatiesamenleving is een prachtig ideaal, mits we die niet tegenover de verzorgingsstaat plaatsen, maar in het verlengde ervan. Als een verbeterde versie.’

Evelien Tonkens is vanaf 1 mei hoogleraar Burgerschap en humanisering van instituties en organisaties aan de Universiteit voor Humanistiek in Utrecht.

Foto: Studio Aksento