‘Technologie moeten we niet sneller gaan gebruiken, maar vooral verstandiger’

Hanno Brandsema is bestuurder van Ipse de Bruggen, en lid van de Bestuurlijke Adviescommissie voor Digitalisering en Technologische Innovatie van de VGN. Hij is nauw betrokken bij ZoTeG, de Academische Werkplaats ZorgTechnologie in de Gehandicaptenzorg. En hij ziet met eigen ogen hoe belangrijk het is om technologie niet als losstaand iets te zien in de zorg. ‘Dan blijft het in de kast liggen.’

ZoTeG

Wat is ZoTeG?

‘Nou, het is in ieder geval uniek. Het is de eerste grootschalige samenwerking tussen zorgpraktijk en wetenschap in onze sector op het gebied van technologische innovatie. Met als doel: kijken wat in de praktijk de meerwaarde heeft. Zorgorganisaties, hulpmiddelengebruikers, universiteiten, mbo en Academy Het Dorp hebben de handen ineen geslagen. Omdat we zagen: er zijn een heleboel losse initiatieven en ontwikkelingen, het wemelt van de pilots, maar opschalen valt vaak tegen. Samen werken we nu aan meer overzicht, betere onderbouwing en kennisdeling over wat nu wel en niet werkt. We willen samen leren wat er nodig is om te voorkomen dat mooie innovaties in de kast blijven liggen.’

Waarom zou iets in de kast blijven liggen als het goed werkt?

‘Omdat technologie zelden werkt voor iedereen, afhankelijk is van de context, en implementatie soms ingewikkelder is dan op het eerste oog lijkt. Soms zijn er hele mooie innovaties die op een specifieke locatie mooie resultaten opleveren. Maar als je die innovatie dan op andere plekken brengt, blijkt het toch niet overal succesvol te zijn. Bijvoorbeeld omdat de ondersteuningsbehoefte van cliënten net anders is. Of omdat de kennis ontbreekt over hoe je iets het beste gebruikt. Dan wordt de drempel om ermee aan de slag te gaan steeds hoger, wordt de innovatie iets ‘wat er ook nog bijkomt’. Met als gevolg dat het uiteindelijk niet bijdraagt aan het versterken van de eigen regie van de cliënt, en het meer werk oplevert dan dat het de medewerker ontlast.’

En hoe zorgt ZoTeG dat dat niet gebeurt? 

‘Door wetenschap met praktijk te combineren. En dan niet met de focus op alleen de innovatieve kant, maar ook op de inpassingskant. Technologie is nooit een doel op zich, je moet het inpassen. Het vraagt ander gedrag van medewerkers in de praktijk, en inbedding bij bijvoorbeeld ICT en de afdeling inkoop. Neem spraakgestuurd rapporteren. Daarmee kun je een rapportage schrijven door gewoon iets in te spreken in je mobiel. Top, zou je zeggen. Maar je moet ook over de randvoorwaarden nadenken. Hoe voorkom je dat mensen hele boeken in gaan spreken? Gebruiken mensen hun eigen mobiel? Waar moeten ze dan naartoe als iets niet werkt? Wie betaalt de data?’

Je zou zeggen: met een goede training en duidelijke documentatie kom je een heel eind

‘En dat blijkt niet zo te zijn. Er zijn landelijk veel succesvolle pilots geweest, maar we weten meestal niet of het daadwerkelijk effectief is en welke randvoorwaarden nodig zijn voor succesvolle opschaling. Precies dáár springt ZoTeG op in, door onderzoek, zodat het niet alleen verhalen en lokale ervaringen zijn, maar echt onderbouwde resultaten. En er speelt natuurlijk meer. Dat spraakgestuurd rapporteren klinkt misschien als de hemel op aarde, maar werkt bij nader onderzoek veel beter voor ambulante zorg dan bijvoorbeeld op een drukke groep in de intramurale zorg. Als je het dan tóch overal gaat implementeren, roept dat weerstand op, en blijven er weer verschillende systemen naast elkaar bestaan. Daar moet je vooraf over nadenken. En het is helemaal fijn en efficiënt als iemand ánders dat denkwerk al eens gedaan heeft.’

Het klinkt niet alsof al dat denkwerk vooraf zorgt voor een snellere opschaling van innovaties

‘Klopt helemaal, en dat hoeft ook niet. Het doel is om de doelmatigheid en effectiviteit van innovaties te vergroten. Daar moet je soms dus juist voor vertragen, blijkt. Uiteindelijk willen we dat technologie een zo groot mogelijke impact heeft, en inmiddels hebben we wel geleerd dat technologie in zijn eentje nooit een oplossing is. Er komt altijd wel weer een nieuw probleem om de hoek kijken. En het is cruciaal om de inzet van een toepassing goed te vertalen naar je eigen organisatie. Daarom moeten we als zorgorganisaties continu werken aan structuren, steeds rollen en verantwoordelijkheden van afdelingen en medewerkers definiëren, nieuwe oplossingen zoeken, en dat vraagt veel flexibiliteit. Hoe organiseer je dat het beste? Daar doet ZoTeG ook onderzoek naar. Bijvoorbeeld door verbinding te leggen met andere sectoren die misschien al een paar stappen verder zijn en waar we ook van kunnen leren.’

Pluk je daar zelf ook de vruchten al van? 

‘Zeker. ZoTeG deelt lessen en uitkomsten met de hele sector, en daar maken we ook bij Ipse de Bruggen graag gebruik van. ZoTeG helpt ons om te prioriteren: waar investeren we in? We doen liever twee dingen goed, dan tien dingen half. Die keuzes maakten we voorheen wat meer op gevoel, nu varen we op de objectieve effectmetingen van ZoTeG. En dat kan ik iedereen aanraden.’