Nieuws van leden

Hoe het doven­spe­cia­lis­me van Odion verschil kan maken

Leendert Bouma (61) is doof en woont ruim vier jaar bij Odion Buitenrust in Middenbeemster, een locatie die specifiek ingesteld is op dove of slechthorende mensen met een beperking. 'Leendert is opgebloeid doordat hij mensen om zich heen heeft die hem begrijpen’, zegt zijn zus Maja Smits.

Dovenspecialisme Odion

Maja Smits is de zus van Leendert Bouma (61). Leendert is doof en woont ruim vier jaar bij Odion Buitenrust in Middenbeemster. Daar ging een behoorlijke zoektocht door Maja aan vooraf, die als ervaringsdeskundige nu de meerwaarde ziet van een locatie die specifiek ingesteld is op dove/slechthorende mensen met een beperking.

Er zit meer in hem, dan eruit kwam

Zo’n 35 jaar geleden woonden Maja en haar man in de Achterhoek. ‘Om allerlei redenen woonde Leendert toen in Noordwijk’, blikt Maja terug. ‘Op zich zat Leendert daar goed, er werd prima voor hem gezorgd. Toch hadden we altijd het gevoel daar hij daar – net als bij eerdere locaties waar hij had gewoond - niet helemaal gelukkig was en dat er meer in hem zat dan eruit kwam.’ Binnen de familie is Maja degene die de zaken voor Leendert regelt. Toen zij en haar man in 1987 naar Heerhugowaard verhuisden, besprak Maja met Leendert hoe hij het zou vinden als zij wat dichter bij elkaar zouden wonen. Dat zag hij wel zitten. ‘Ik ging me oriënteren in de omgeving en kwam uit bij een locatie van Esdégé Reigersdaal in Heerhugowaard’, vertelt Maja. ‘Ik had daar een goed gevoel bij. De manier van begeleiden was daar meer gericht op zelfstandigheid bevorderen en zelf keuzes maken en dat sprak me heel erg aan.’

Doof tussen de horenden

Bij Reigersdaal woonde Leendert als enige dove tussen een groep horenden. Hoewel Maja vol lof is over de inzet van de begeleiders en de moeite die ze voor Leendert namen, merkte ze dat haar broer toch ook daar niet lekker in zijn vel zat. ‘Hij werd soms boos en zelfs agressief’, herinnert Maja zich. ‘Leendert kan niet praten en de medewerkers daar spreken geen gebarentaal - logisch ook, als er maar één dove cliënt is op de locatie. Wel had Leendert een boek met picto’s waarmee hij en zijn begeleiders communiceerden. Uiteindelijk hebben mijn man en ik een doventolk ingeschakeld, om goed met Leendert in gesprek te kunnen gaan over waarom hij daar niet gelukkig was. Het bleek dat hij zich niet begrepen voelde en dit gedrag vertoonde doordat hij geen andere manier had om zich te uiten.’

Koffers pakken

Het was diezelfde doventolk die Maja en Leendert op het spoor van Odion Buitenrust zette. ‘Zij werd daar ook wel eens ingehuurd om te tolken en wist dat er binnenkort een plekje vrij zou komen’, vertelt Maja. ‘Ik maakte een afspraak om een keer te gaan kijken vond het meteen helemaal fantastisch. Er hangen overal picto’s die aangeven ‘hier is de douche’ en ‘hier is de wc’, maar ook wat er die dag gaat gebeuren. Ik wist direct dat Leendert dit zou begrijpen en dat dit hem rust zou geven. Bovendien spreken bijna alle medewerkers daar gebarentaal, waardoor hij veel meer zou worden begrepen.’ De volgende stap was een bezoekje samen met Leendert. ‘In het begin was hij een beetje huiverig: wat gaat er allemaal gebeuren?’, herinnert Maja zich. ‘Maar al heel gauw gaf hij aan dat hij dit heel graag wilde en dat hij niet kon wachten om zijn koffers te pakken. Toen was alles eigenlijk heel snel geregeld.’

‘Ik zag mijn broer tot leven komen'

De keuze voor Buitenrust bleek een schot in de roos. ‘Ik zag mijn broer tot leven komen, dat was zo mooi om te zien’, vertelt Maja. ‘Ook al spreekt Leendert een verouderde vorm van gebarentaal waarin hij met ons als familieleden communiceert, de begeleiders begrijpen hem en ze komen er altijd samen uit. Dat maakt een wereld van verschil. Wat ook uitmaakt, is dat de begeleiders hem inzicht geven in zijn dag. Zo kan hij zich voorbereiden en dat geeft hem rust. Ook zijn ochtendritueel, waarbij hij niet met de groep hoeft te ontbijten, maar in zijn eigen tempo boven kan eten en zich kan aankleden, is belangrijk. In de hele periode dat Leendert hier nu woont, is hij ooit nog één keer agressief geworden. Daarna is het nooit meer voorgekomen. Dat zegt wel wat, toch?’

Is Leenderts wereld te klein?

Net als meer bewoners van zijn woonlocatie heeft Leendert dagbesteding bij Odion De Boerderij, op een steenworp afstand van Buitenrust. ‘Ook daar beheerst bijna iedereen gebarentaal, waardoor hij zich begrepen voelt en lekker aan het werk is’, ervaart Maja. ‘Hij maakt daar onder meer leuke dingen van klei die hij beschildert en die ook worden verkocht. Dat vindt hij helemaal top. Ik zie die combinatie wonen/dagbesteding echt als een meerwaarde.’ Feit is wel dat Leendert op deze manier tijdens zijn werk dezelfde mensen ziet als thuis. Critici stellen dat het wereldje van dove cliënten zo wel erg klein is en plaatsen soms vraagtekens bij de wenselijkheid daarvan. ‘Dat kan zijn’, reageert Maja. ‘Maar als Leendert gelukkig is, wie ben ik dan om te zeggen dat zijn wereldje te klein is?’

Kijk eens wat hij kan!

En gelukkig is haar broer, zo concludeert Maja. ‘Hij is opgebloeid doordat hij mensen om zich heen heeft die hem begrijpen’, ervaart ze. ‘De begeleiders zijn echt fantastisch en graag geef ik ook Odion als organisatie een groot compliment. En wat wij altijd al dachten: Leendert blijkt veel meer bij de pinken te zijn dan werd aangenomen. Als familie zeggen we regelmatig tegen elkaar: ‘Kijk eens wat hij kan!’ Toch kijk je natuurlijk altijd naar hoe het nog beter zou kunnen. We merken dat Leendert echt toe is aan een eigen appartement; nu heeft hij alleen een woon-/slaapkamer en deelt de douche en wc. Een mooie optie zou Odion Vlijthoeve zijn, aan de overkant van Buitenrust. Die optie gaan we nu onderzoeken. Maar feit is dat ik nog nooit zo gelukkig ben geweest over hoe het met Leendert gaat!’

Deze pagina is een onderdeel van: