Rookvrije zorg bij de Mesdagkliniek
Samen staan we voor rookvrije zorg. De ggz, vvt en gehandicaptenzorg samen aan één ambitie: een gezonde woon- en werkomgeving voor cliënten en medewerkers. Hoe maak je die ambitie werkelijkheid, welke keuzes zijn nodig en hoe krijg je mensen mee? Laat je inspireren door Harry Beintema, bestuurder van Forensisch Psychiatrisch Centrum Mesdag in Groningen. Hij vertelt hoe visie, lef en volharding hielpen om rookvrij te worden, welke weerstand daarbij is overwonnen en welke lessen ook de gehandicaptenzorg verder kunnen helpen.
Harry Beintema is bestuurder van forensisch psychiatrisch centrum (FPC) Mesdag in Groningen. Hij nam het Nationaal Preventieakkoord van meet af aan letterlijk. In het convenant met VWS was afgesproken dat de GGZ in 2025 rookvrij zou zijn. Beintema: ‘Veel organisaties hebben uitzonderingen gemaakt voor patiënten die bij een GGZ-organisatie wonen of er lang verblijven. Wij hebben dat niet gedaan. Onze hele organisatie is rookvrij. Het heeft niet geleid tot collectieve opstanden, extra separaties of ontregelde patiënten.’
“Je neemt ze hun rokertje toch niet af?”
Volgens Beintema hangt er een “aureool” boven de sigaret en aanverwante tabaksartikelen: ‘Doorgaans krijgen wij van de rechtse burger veel kritiek omdat wij te zacht zouden zijn voor onze patiënten met TBS. Maar op het rookverbod reageert dezelfde groep verontwaardigd: “Je neemt ze hun rokertje toch niet af?”’
Onze patiënten komen meestal van de straat. Velen van hen hebben bij binnenkomst een drank- en drugsverslaving. Niemand is verbaasd dat ze daarvan verplicht moeten afkicken. Dat lukt goed met behulp van onze artsen. Hetzelfde geldt voor een tabaksverslaving. Patiënten zijn binnen twee weken over de ontwenningsverschijnselen heen.’
Zien roken, doet roken
Beintema ziet het rookverbod als een stap in een traject met lange voorgeschiedenis: ‘Wij zijn in de kliniek al jarenlang bezig met gesprekken en initiatieven voor een gezonde leefstijl. Dat gaat ook over het aanbod van onze kantine en de producten die wij verkopen in de winkel voor patiënten. Rookvrije zorg past in die lijn.’ Een uitlokkende factor voor een rookverslaving is een omgeving die rookt. Beintema: ‘Dus moet je een context creëren waarin roken niet normaal is. Als niemand meer rookt, gaat stoppen met roken veel gemakkelijker.’ Blijvende aandacht voor het onderwerp is volgens hem belangrijk: ‘Omdat verboden middelen soms worden binnengesmokkeld. Dat geldt nu ook voor rookwaren.’
Het recht om gezond te leven
FPC Mesdag had al op 1 januari 2025 rookvrij kunnen zijn, mits het juridisch kader was voorbereid. Beintema: ‘De tabakswet noemt met naam en toenaam de sectoren waarin een rookverbod wettelijk verplicht is, zoals ziekenhuizen en scholen. Zorg wordt niet genoemd. Daardoor zijn onze patiënten met bezwaren een interne klachtenprocedure gestart en in het gelijk gesteld. In hoger beroep heeft de Raad voor Strafrechttoepassing dit besluit teruggedraaid. Het recht om in een gezonde omgeving te wonen en te werken, gaat volgens de rechter boven het recht op vrijheid om te roken.’
Je roeit tegen de stroom in
Veel andere TBS-klinieken, GGZ- en gehandicaptenorganisaties werken inmiddels ook aan rookvrije zorg of treffen voorbereidingen. Ze hebben onder andere bij Mesdag – niet de minste als het gaat om complexe zorg – gezien dat het kan. Beintema adviseert organisaties om het besluit ethisch goed te doordenken: Op grond van welke argumenten vinden wij dat wij het goede te doen? Beintema: ‘Besef dat je tegen de stroom in roeit. Als je zelf niet overtuigd bent, laat je je snel leiden door dwaalredeneringen: “Het is zo zielig en zo sneu.” Dan loop je vast in discussies met bijvoorbeeld personeel en familie.’
Maak er een prioriteit van
Sommige zorgorganisaties vinden het lastig om naast alle prioriteiten ook nog eens te beginnen aan een rookverbod. Beintema: ‘Zo’n chronisch probleem als roken los je nooit op als je het niet prioriteert. Het is een kwestie van keuzes maken.’ Tegen iedereen die het zielig vindt wil hij zeggen: ‘Rokers leven gemiddeld 10 jaar korter dan niet rokers. Wij vinden het juist verkeerd als je rokende patiënten aan hun lot overlaat. Dat is een vorm van verwaarlozing. Van tabak weet iedereen hoe schadelijk en kankerverwekkend het is.’
Zet je schrap voor tegenwind
Ook adviseert hij zorgorganisaties om zich schrap te zetten en het samen te doen. Beintema: ‘Wij zijn koploper onder de TBS-klinieken. Daardoor stonden wij volop in de wind. Op een dag stond er bij ons een hele televisiecameraploeg van Pow-nieuws op de stoep voor een kritisch vraaggesprek. En volgens mijn kinderen ben ik online voor van alles en nog wat uitgemaakt. Persoonlijk til ik daar niet zo zwaar aan. Maar het straalt af op de organisatie. Dat wil je niet.’ Hij voorspelt dat zijn patiënten over een paar jaar gezonder zijn en in een betere conditie. ‘Die vruchten plukken we later. Daarvoor is het nu nog te vroeg.’
Meer over rookvrije gehandicaptenzorg
Rookvrije zorg betekent niet dat iedereen móét stoppen met roken, maar wel dat je afspraken maakt met elkaar. Samen streven we naar gezonde, schone lucht, zodat mensen die dat niet willen, niet in contact komen met tabaksrook. En als iemand wil stoppen met roken, wordt diegene hierin ondersteund.
De afgelopen jaren hebben ActiZ, de Nederlandse ggz en de VGN samen grote stappen gezet op weg naar rookvrije zorg. Wat begon met de intentieverklaring ‘Maak de zorg rookvrij’ in 2020, is uitgegroeid tot een actieve rookvrije beweging. Sluit je bijvoorbeeld aan bij een van de regionale netwerken om je te laten inspireren en samen met collega-organisaties stappen te zetten naar rookvrije zorg.
VGN brengt praktijkvoorbeelden in beeld van organisaties die zijn gestart met het thema rookvrije zorg, zodat andere organisaties daar hun voordeel mee kunnen doen. Welke successen behaalden deze organisaties en wat zijn of waren de knelpunten? Lees de praktijkvoorbeelden hier.
Heb jij een praktijkvoorbeeld om te delen? Mail deze naar communicatie@vgn.nl.