Naar hoofdmenuNaar hoofdinhoud

HomeThema'sForensische zorgKwaliteit

Nieuwe aanpak voor mensen met een licht verstandelijke beperking in detentie bespaart miljoenen per jaar

Elke euro die een gemeente investeert in de begeleiding van mensen met een licht verstandelijke beperking tijdens hun detentie, levert ruim drie euro op. Dit blijkt uit de maatschappelijke businesscase ‘Integrale aanpak voor mensen met een licht verstandelijke beperking in detentie’ van de Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland (VGN). VGN-bestuurslid Gertrude van den Brink (en bestuursvoorzitter van zorgorganisatie Middin) heeft woensdagmiddag 28 november het rapport overhandigd aan de Rotterdamse wethouder Sven de Langen, tevens voorzitter van de commissie Zorg, Jeugd en Onderwijs van de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG).

afbeeldingen

Afbeelding 1 van 1
Van links naar rechts: Han Huizinga, beleidsmedewerker VGN, Cynthia van Santen, client bij Middin, wethouder De Langen, voorzitter VNG commissie Zorg, Jeugd en Onderwijs en Gertrude van den Brink, bestuurder VGN en Middin

Minder recidive, meer levensgeluk en forse besparingen. Als mensen met een licht verstandelijke beperking (LVB) in detentie al tijdens hun detentie goed worden begeleid, verloopt de overgang naar de samenleving veel soepeler, blijkt uit de business case. Het onderzoek voor de businesscase vond plaats onder 572 (ex)-gedetineerde mensen met een LVB in de regio Rotterdam. De gemeente Rotterdam heeft al positieve ervaringen met de nieuwe integrale aanpak. Wethouder de Langen: “We gaan in Rotterdam de aanbevelingen uit deze maatschappelijke businesscase gebruiken in de ontwikkeling van onze verdere aanpak. Want we zien heel duidelijk dat we door vroege begeleiding kosten kunnen besparen. En eigenlijk nog belangrijker: dat we ongelukken en ellende weten te voorkomen. En als voorzitter van de VNG-commissie ZJO ga ik in met mijn collega’s in de commissie deze interessante ontwikkeling bespreken.”

Licht verstandelijke beperking vaak niet herkend
Uit onderzoek blijkt dat bij zo’n 40 procent van de mensen in detentie sprake is van licht verstandelijke beperking. Helaas komt dit vaak niet of pas laat aan het licht. Hierdoor ontstaan risico’s voor de mensen zelf, hun directe omgeving én voor de maatschappij. Het gaat vaak om mensen die voor korte tijd in detentie zitten en waarbij de kans op recidive groot is. De Langen: “Het gaat om mensen die grote moeite hebben om zichzelf te redden in onze ingewikkelde maatschappij. Als je deze mensen aan hun lot overlaat moet je niet gek opkijken dat je er op enig moment de crisisdienst op af moet sturen, of dat ze zo de fout in gaan dat ze de buurtsuper overvallen.”
Essentieel voor de integrale aanpak is het werk van de zogeheten integrale levensloopondersteuner. Deze ambulant begeleider bouwt al tijdens detentie aan een vertrouwensband met de gedetineerde en kijkt wat er aan begeleiding nodig is als het gaat om huisvesting, werk en maatschappelijke ambities. Alleen door in een vroeg stadium die richting in te slaan, voorkom je recidive. Die begeleiding is er nu niet en mensen vallen bij vrijlating tussen wal en schip. Daar komt nog bij dat een sterk netwerk om op terug te vallen, vaak ontbreekt.

Oproep aan gemeenten
Gemeenten hebben een belangrijke rol bij het organiseren van nazorg aan hun voormalig gedetineerde burgers. VGN-directeur Frank Bluiminck: “De groeiende omvang van mensen met een LVB in detentie is zorgwekkend. Maar deze nieuwe aanpak is hoopvol en biedt perspectief. Experts tonen in deze business case aan dat je met deze aanpak overlast kan voorkomen en de recidive zelfs kan halveren. Maar het begint bij het herkennen van een verstandelijke beperking. We vragen gemeenten om mensen in detentie met een lichte verstandelijke beperking eerder te herkennen en ze al tijdens detentie een gerichte, goede begeleiding aan te bieden”.
De businesscase biedt aanbevelingen voor gemeenten om de integrale aanpak te realiseren, financieren en te vertalen naar effectieve samenwerkingsafspraken. VGN pleit ervoor dat deze aanpak de komende tijd wordt toegepast bij alle gemeenten.

Positieve maatschappelijke effecten
De nieuwe integrale aanpak draagt bij aan een betere kwaliteit van leven en positieve maatschappelijke effecten, zoals minder recidive en grensoverschrijdend gedrag (woonoverlast en huiselijk geweld). Als gemeenten  eerder screenen en met passende ondersteuning starten, wordt voorkomen dat op een later moment zwaardere zorg, zoals bijvoorbeeld crisisopvang, nodig is. Ook zorgt de aanpak ervoor dat schulden worden voorkomen of niet verder oplopen. Omdat de aanpak gericht is op meedoen in de samenleving, zal een aantal cliënten ook betaald werk gaan vinden. De maatschappelijke businesscase toont aan dat de aanpak op deze manier de samenleving miljoenen euro’s bespaart. 

Levensloopondersteuner
In de nieuwe aanpak is een essentiële rol weggelegd voor de integrale levensloopondersteuner. Dit is een begeleider die kennis heeft van verstandelijke beperkingen en die de cliënt langdurig begeleidt bij het resocialiseren. Ze helpen mensen beter weerbaar te worden, meer zelfvertrouwen te krijgen en beter mee te doen in de maatschappij. Het idee van de levensloopondersteuner sluit aan bij bestaande methodieken als Homerun (Humanitas DMH) en LifeWise (Middin en Cordaan).

De businesscase ‘Integrale aanpak voor mensen met een licht verstandelijke beperking in detentie’ kunt u hier downloaden

Icon TwitterLinkedIn IconIcon FacebookIcon Mail