Hoofdstuk: Van Kwaliteitskader naar Kwaliteitskompas

Het Kwaliteitskader Gehandicaptenzorg 2017 – 2022 werd na een actualisatietraject in 2022, omgedoopt tot het Kwaliteitskompas Gehandicaptenzorg 2023 – 2028. Voor deze nieuwe term is gekozen omdat een kader als beperkend kan worden ervaren, terwijl een kompas richting geeft; sturing in een tijd waarin de gehandicaptenzorg te maken heeft met urgente vraagstukken, en waarin er meer dan ooit een beroep gedaan wordt op de creativiteit en de veerkracht van zorgaanbieders, professionals, mensen met een beperking, hun verwanten en sociaal netwerk, maar ook van de maatschappij.

Kwaliteitskompas

In dit eerste hoofdstuk van het kwaliteitskompas gaan we op de volgende onderdelen in:

Van kwaliteitskader naar kwaliteitskompas

Kwaliteit en kwaliteitsverbetering zijn belangrijke waarden binnen de gehandicaptenzorg. In 2017 werd daarom een Kwaliteitskader Gehandicaptenzorg 2017 – 2022 opgesteld dat van toepassing was op organisaties in de Wet langdurige zorg (Wlz). 

Dat kwaliteitskader is baanbrekend geweest. Hiermee liep de gehandicaptenzorg voorop in de zorg. Niet alleen omdat het kwaliteitskader van, door en voor de hele sector is, ook omdat het accent op leren en verbeteren kwam te liggen en niet langer op verantwoording op basis van tellen, cijfers en vergelijken. Dat was een breuk met het verleden. Hiermee is meer recht gedaan aan de complexiteit van de gehandicaptenzorg in een veranderende samenleving.

In het kwaliteitskader werd afgesproken om het kader voor het eind van de looptijd te evalueren. Na een voortgangsonderzoek bleek dat het kwaliteitskader veel gebracht heeft én dat er ontwikkeling mogelijk is. Het werken met het kader kan nog beter.

Zo concludeerde USBO Advies van de Universiteit van Utrecht die het voortgangsonderzoek uitvoerde, dat alle vier de bouwstenen van het kwaliteitskader op uiteenlopende manieren gehanteerd worden door zorgaanbieders. In sommige organisaties ervaart men de vrijheid voor een eigen invulling, in andere organisaties niet. Zij zien het kwaliteitskader als dwingend1.

Daarom is het kwaliteitskader geactualiseerd en omgedoopt tot een kwaliteitskompas2 . Een kompas geeft richting, maar kadert niet dicht. Kwaliteit is ons kompas; in de wetenschap dat kwaliteit in veel verschijningsvormen voorkomt. 

Kwaliteit zit in persoonlijke aandacht; een liefdevolle arm om iemand heen slaan, praten met elkaar, vragen hoe het met iemand gaat. Het zit in eigen regie; iemand zelf laten kiezen waar hij wil wonen en met wie, waar hij wil werken, wat hij eet of drinkt, of hij mee wil wandelen of welke activiteit hij wil doen. Het zit in gelijkwaardigheid; met iemand praten in plaats van over iemand, oprecht luisteren, iemand laten deelnemen aan zijn eigen ondersteuningsplangesprek. Het zit in samen werken: professionals, mensen met een beperking, hun verwanten en sociaal netwerk. Het zit ook in de juiste medische, verpleegkundige en agogische zorg volgens professionele standaarden zoals richtlijnen en beroepscodes. En het zit in reflectie; wat gaat goed en wat kan beter? In de basis gaat kwaliteit van zorg om samen ontdekken wat het goede is voor ieder uniek persoon. Eigen regie en gelijkwaardigheid zijn daarin belangrijke waarden. Samen werken mensen met een beperking, hun verwanten en sociaal netwerk, en professionals aan goede zorg en een betekenisvol leven.

1. Veel van de conclusies en aanbevelingen van het rapport ‘Samen voor Sectorontwikkeling’ van de Universiteit van Utrecht, zijn in dit kwaliteitskompas verwerkt. Deze staan met name in de alinea’s Ruimte en bedoeling en Aandachtspunten die onderdeel zijn van de vier hoofdstukken over de vier bouwstenen. Het volledige rapport is hier te lezen.

2. Het Zorginstituut heeft het Kwaliteitskompas 2023-2028 als kwaliteitskader opgenomen in het Register van het Zorginstituut, omdat het alleen dan een wettelijke status heeft. ‘Kwaliteitskompas’ is de naam die we in de Gehandicaptenzorg hanteren.

Doel van het kwaliteitskompas

De uitgangspunten van dit kwaliteitskompas zijn onveranderd gebleven ten opzichte van het vorige kwaliteitskader. Het gaat om kwaliteit van bestaan en regie over het eigen leven.

Het doel van dit landelijk kompas is om mensen met een beperking die professionele zorg, ondersteuning of begeleiding krijgen, duidelijkheid te geven: wat mogen zij verwachten van de professionals en de organisaties waar zij wonen en/of waarvan zij zorg en ondersteuning ontvangen? Het helpt professionals en teams om zorg te verbeteren en te blijven leren en reflecteren. Het helpt leidinggevenden om voorwaarden voor kwaliteit te scheppen. En het biedt zorgaanbieders inzicht in de kwaliteit van de organisatie. Dat levert input op voor het (door ontwikkelen van) beleid en biedt een handvat voor verantwoording naar externe partijen.

Het kwaliteitskompas bestaat uit vier bouwstenen. Dat zijn aanknopingspunten om dagelijks te werken aan kwaliteit en zicht te krijgen op kwaliteit:

In de eerste drie bouwstenen schetsen we de kwaliteit van zorg en ondersteuning vanuit drie perspectieven - die uiteraard altijd in een sociaal maatschappelijke context gezien moeten worden:

  • Als eerste vanuit het individu via een dialoog: wat heeft ieder persoon nodig als het gaat om de kwaliteit van bestaan? Is de ontvangen zorg en ondersteuning passend naar de wensen, behoeften en verlangens van mensen met een beperking en zijn of haar verwanten?
  • Als tweede vanuit groepsverband via een erkend cliëntervaringsinstrument: wat zijn de ervaringen van meerdere mensen over de zorg en ondersteuning die zij ontvangen van de zorgaanbieder, en over hun kwaliteit van bestaan?
  • Als derde vanuit professionals over de invulling van hun rol en functioneren: wat hebben professionals nodig om hun professionele ontwikkeling vorm te geven en om de kwaliteit van zorg te verbeteren? En welke faciliteiten zijn daarvoor nodig?

Zo ontstaat zicht op kwaliteit: wat gaat goed en wil je behouden en wat kan verbeterd worden? Dit komt samen in de vierde bouwsteen: Inzicht in kwaliteit. Zorgaanbieders geven alle betrokken partijen inzicht in kwaliteit met behulp van een kwaliteitsbeeld, een voortgangsbericht, en met visitatie voor een blik van buitenaf. Dit geeft een totaalbeeld van wat goed gaat en wat nog beter kan.

Er is een extra hoofdstuk opgenomen waarin wordt ingegaan op de verantwoordelijkheid die organisaties hebben richting professionals, zodat professionals op een goede manier invulling kunnen geven aan de bouwstenen.

Nog meer dan voorheen ligt de nadruk binnen dit kwaliteitskompas op het inzetten van ervaringskennis, op eigen regie, op gelijkwaardigheid, op de mens. Want uiteindelijk gaat het om de mensen die iets vinden van de zorg en ondersteuning die zij ontvangen. Net als hun verwanten.

Reikwijdte van het kwaliteitskompas

Het Kwaliteitskompas Gehandicaptenzorg 2023 – 2028 heeft betrekking op gehandicaptenzorg die onder de Wet langdurige zorg (Wlz) valt.

Mensen met een indicatie voor Wlz-zorg kunnen ervoor kiezen bij een zorgorganisatie te gaan wonen om de zorg te krijgen die zij nodig hebben (verblijf in een instelling). Zij kunnen ook kiezen voor andere leveringsvormen: zorg thuis met een volledig pakket thuis (VPT), een modulair pakket thuis (MPT) of persoonsgebonden budget (PGB).

De laatste twee leveringsvormen (MPT en PGB) vallen nog niet binnen de reikwijdte van het Kwaliteitskompas Gehandicaptenzorg 2023 – 2028. De intentie van dit kwaliteitskompas is om zoveel mogelijk domeinoverstijgend en leveringsvormvrij te werken. In de praktijk werken zorgaanbieders die zorg en ondersteuning leveren op basis van modulair pakket thuis (MPT), persoonsgebonden budget (PGB), de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) en Jeugdwet, soms ook al in meer of mindere mate met het kwaliteitskompas. De ambitie is om dit, met betrokken partijen, ook formeel te regelen. Dit komt in de ontwikkelagenda terug. 

Looptijd van het kwaliteitskompas

Het Kwaliteitskompas Gehandicaptenzorg 2023 – 2028 is van kracht met ingang van 1 januari 2023 en loopt tot en met 31 december 2028.

Visie op kwaliteit

Binnen de gehandicaptensector bestaat een gedeelde visie op goede zorg: persoonsgerichte zorg die bijdraagt aan de kwaliteit van bestaan van mensen met een beperking. Dit is uitgewerkt in acht domeinen die volgens het model van Schalock en Verdugo relevant zijn voor iemands kwaliteit van bestaan: lichamelijk welbevinden, psychisch welbevinden, betekenisvolle contacten en relaties, deelname aan de samenleving, persoonlijke ontwikkeling, materieel welzijn, zelfbepaling, en belangen.

De uitgangspunten van deze visie op kwaliteit zijn:

Mensen met een beperking hebben eigen regie:

  • Zij hebben waar mogelijk invloed op wat er wel of niet in hun leven gebeurt.
  • Daarbij is er aandacht voor belangrijke beslissingen, bijvoorbeeld over waar iemand wil wonen of wat voor werk of dagactiviteit iemand doet. En ook voor kleinere keuzemogelijkheden, zoals welke muziek iemand mooi vindt of welke kleren iemand wil dragen.
  • Er is ruimte om eigen levensdoelen na te streven in een veilige en tegelijkertijd ook stimulerende omgeving.
  • Er is zowel aandacht voor mensen met een beperking die voor zichzelf kunnen beslissen (waardoor de rol van verwanten beperkt is) en mensen met een beperking die moeilijker zelf beslissingen kunnen nemen (waardoor de rol van verwanten veel groter is). Mensen met een beperking zijn de centrale personen die zelf mogen beslissen, tenzij.

Zorg en ondersteuning dragen bij aan kwaliteit van bestaan:

  • Binnen de zorg en ondersteuning is er aandacht voor alle domeinen van het leven: gezondheid, levensstijl, wonen, werken, activiteiten, daginvulling, vrije tijd en het sociaal netwerk.
  • De ervaringskennis van mensen met een beperking, hun verwanten en sociaal netwerk, wordt betrokken in de zorg en ondersteuning.

Professionals ondersteunen mensen met een beperking bij het invullen van een eigen leven:

  • Zorgverlening komt tot stand vanuit de dialoog tussen mensen met een beperking, hun verwanten en sociaal netwerk, professionals en zorgorganisaties.
  • De relatie met de mensen aan wie zorg en ondersteuning verleend wordt, is gebaseerd op respect, vertrouwen en gelijkwaardigheid. Er worden heldere afspraken gemaakt over de invulling van zorg en ondersteuning.
  • Professionals hebben een vraaggerichte en responsieve houding en bieden kansen en kaders aan mensen met een beperking om zich te ontwikkelen.
  • Het gaat daarbij altijd om de mens in relatie tot zijn of haar (sociale) omgeving. Daarbij is de betrokkenheid van verwanten en het sociaal netwerk van belang.
  • Professionals ondersteunen mensen met een beperking bij het invullen van hun leven, in het rekening houden met de vrijheid en veiligheid van zichzelf en de anderen in de omgeving.
  • Professionals leveren kwalitatief goede zorg, zijn betrokken, vakbekwaam en houden hun professionaliteit op peil.
  • Professionals maken gebruik van state of the art kennis (uit onderzoek, van andere professionals en van ervaringsdeskundigen) over goede zorg.
  • Binnen zorgorganisaties is er aandacht voor de ontwikkeling en facilitering van professionele standaarden, zoals richtlijnen en beroepscodes. Voor professionals is dit een waardevolle oriëntatie voor professioneel handelen.

Aan kwaliteit van goede zorg wordt zowel op het niveau van mensen met een beperking, hun verwanten en sociaal netwerk, als van professionals en organisaties invulling gegeven.

  • Hierbij is ruimte voor individueel maatwerk. Dit wordt beschreven in een ondersteuningsplan:
  • Het ondersteuningsplan helpt mensen met een beperking, hun verwanten en professionals om samen te bepalen wat belangrijk is en om hier samen over in gesprek te gaan.
  • Aandachtsvelden bij dat individuele plan zijn:
    • Integrale beeldvorming met aandacht voor de levensgeschiedenis
    • Gezondheid: lichamelijk welbevinden
    • Gezondheid: psychisch welbevinden
    • Betekenisvolle contacten en interpersoonlijke relaties
    • Deelname aan de samenleving door bijvoorbeeld wonen, werken, activiteiten en vrijetijdsbesteding
    • Persoonlijke ontwikkeling en zelfbepaling

Bij deze visie horen belangrijke voorwaarden:

  • Individueel maatwerk in afspraken met mensen met een beperking en hun verwanten (via het ondersteuningsplan).
  • Een omgeving die veiligheid voor mensen met een beperking bevordert op fysiek, sociaal en emotioneel vlak.
  • Kwaliteit van professionals en teams.
  • Samenhang in het geheel van zorg en ondersteuning (en coördinatie rond mensen met een beperking).

Deze gezamenlijke visie blijft ook de komende jaren waardevol en is het uitgangspunt voor dit kwaliteitskompas. Tegelijkertijd winnen steeds meer en andere inzichten over kwaliteit van bestaan terrein, zoals positieve gezondheid, positief leefklimaat, het model van Brown met drie overkoepelende leefgebieden: Being, belonging en becoming, en de capabilitybenadering. Steeds meer organisaties nemen elementen van deze visies op kwaliteit mee in hun eigen beleid.

De landelijke Stuurgroep Kwaliteitskompas Gehandicaptenzorg, die eigenaar van het kwaliteitskompas is, wil daarom laten onderzoeken of het gedachtegoed van Schalock en Verdugo alleen nog het best passende fundament is van het kwaliteitskompas. Dit komt terug in de ontwikkelagenda.

Ontwikkelagenda

In het voortgangsonderzoek naar het Kwaliteitskader Gehandicaptenzorg 2017 – 2022 en vanuit de achterban van de stuurgroepleden, zijn er allerlei suggesties en initiatieven genoemd ter verbetering van het werken aan kwaliteit. Een deel daarvan is verwerkt in dit kwaliteitskompas en een ander deel staat op de ontwikkelagenda, die onderdeel is van dit kwaliteitskompas.

Dat heeft als reden dat de gehandicaptensector ‘pas’ vier jaar met het kwaliteitskader werkt, er nog volop ervaringen opgedaan worden en er nog onvoldoende kennis is van wat echt werkt en wat echt verbeterd moet worden. Dat is ook een belangrijke conclusie uit het voortgangsonderzoek. Eerst moet het werken met het kwaliteitskompas goed beklijven, voor er gefundeerd grote inhoudelijke wijzigingen kunnen plaatsvinden.

Op de ontwikkelagenda staan onderwerpen die de stuurgroep verder wil onderzoeken, zoals de herijking van het begrip kwaliteit en een verbreding van de reikwijdte van het kwaliteitskompas. Ook staat de uitbreiding van de waaier met cliëntervaringsinstrumenten op de ontwikkelagenda. Net als de actualisatie van de Handreiking Ondersteuningsplannen en de actualisatie van de Handreiking Kwaliteitsrapport en externe visitatie tot de Handreiking Inzicht in kwaliteit. Deze actualisaties volgen namelijk op de actualisatie van het kwaliteitskompas. Verder is er op de ontwikkelagenda aandacht voor het werken met het nieuwe kwaliteitsbeeld en voortgangsbericht in plaats van een kwaliteitsrapport, en de professionalisering van de beroepsgroepen in de gehandicaptenzorg.

Hier vindt u de ontwikkelagenda.

Meer informatie

Het volledige Kwaliteitskompas Gehandicaptenzorg 2023-2028 PDF kunt u hier downloaden. Via onderstaande links leest u de afzonderlijke bouwstenen en hoofdstukken van het Kwaliteitskompas: