Nieuws

Extra geld voor aanpak agressie in de zorg

Het actieplan 'Veilig werken in de zorg' is een succes. In dit actieplan werkt de VGN, samen met de andere zorgbranches, aan het vergroten van de veiligheid van werknemers. Naast een publiekscampagne en handige tools  kunnen instellingen subsidie krijgen om hun eigen veiligheidsbeleid te verbeteren. Het animo voor deze activiteiten is erg groot. Minister Edith Schippers van VWS komt daarom dit jaar met 1 miljoen euro extra voor het actieplan 'Veilig werken in de Zorg'.

Het bedrag komt bovenop de ruim 10 miljoen euro die al beschikbaar was voor de periode 2012-2015.


Ondersteuningsregeling

Onderdeel hiervan is ondersteuning om agressie op de werkvloer tegen te gaan. De belangstelling voor de ondersteuningsregeling is zo groot dat veel aanmeldingen moeten worden afgewezen. In totaal hebben bijna zevenhonderd instellingen in de zorg hulp gekregen bij hun strijd tegen agressie. Met het extra geld kunnen dit jaar ruim zeventig extra instellingen aan de slag.

Ook instellingen in de maatschappelijke opvang kunnen nu meedoen met het actieplan. ''Zo help ik nog meer instellingen om agressie verder terug te dringen. Iedereen heeft recht op een veilige werkplek'', aldus minister Schippers.

Prisma als inspiratie

Minister Schippers noemt in haar brief Prisma als inspirerend voorbeeld van een zorginstelling die met het hulp van het actieplan 'Veilig Werken in de Zorg' een sterke impuls heeft gegeven aan hun aanpak van agressie. Lees hier meer over de aanpak van Prisma.

Het actieprogramma Veilig werken in de zorg bestaat uit de publiekscampagne "Duidelijk over Agressie”, Regionale en landelijke bijeenkomsten waarin kennis en informatie uitwisseling centraal staan, praktisch toepasbare hulpmiddelen zoals de Agressiewijzer, good practices en informatiemateriaal.


Actieplan ‘Veilig Werken in de Zorg’

Initiatiefnemers van het actieplan 'Veilig werken in de Zorg' zijn Actiz, BTN, CNV Zorg & Welzijn, FBZ, FNV, GGZ Nederland, Jeugdzorg Nederland, NFU, NU’91, NVZ en VGN, met ondersteuning van het ministerie van VWS.

Document

Deze pagina is een onderdeel van: