Onderzoek: beweging naar passend werk groeit - en dat loont

De beweging naar passend werk is goed op gang in de gehandicaptenzorg. Dat blijkt uit onderzoek dat Bureau Bartels voor de VGN uitvoerde. Vrijwel alle onderzochte zorgorganisaties zijn bezig met de omslag van ‘traditionele dagbesteding’ naar meedoen in de samenleving. De overstap naar (betaald) werk blijkt uitdagend, maar de opbrengsten zijn groot – voor mensen met een beperking zelf, hun collega’s en de maatschappij.

Markant Roetz

Onderzoek om beweging richting passend werk te meten

De VGN streeft naar een samenleving waarin mensen met een beperking een betekenisvol leven kunnen leiden. Daar hoort ook bij dat zij kunnen meedoen in de samenleving, en hun talenten kunnen ontwikkelen en inzetten op een manier die bij hen past. Hiervoor is een transitie nodig van de ‘traditionele dagbesteding’ naar activiteiten die meer in verbinding staan met de samenleving. Bijvoorbeeld via (beschut of betaald) werk. Aandacht voor talentontwikkeling is hierbij belangrijk, en het zien van mogelijkheden voor verbinding in de omgeving. 

VGN liet onder 41 organisaties onderzoeken hoe ver de sector is met deze beweging. Het onderzoeksrapport (door Bureau Bartels) is onderaan dit artikel te downloaden.

Visie als basis voor beweging

Uit de meting blijkt dat de visie van de gehandicaptenzorg breed bekend is. Mede hierom werken bijna alle deelnemende organisaties aan de transitie naar passend werk en ontwikkelingsgerichte dagbesteding. Dat gebeurt bijvoorbeeld door samen te werken met lokale bedrijven en maatschappelijke organisaties, door werk ‘van buiten naar binnen’ te halen of door cliënten die taken uitvoeren binnen de eigen organisatie. 

Grote stappen richting onbetaald werk

Met name de stap van dagbesteding naar onbetaald werk in de samenleving wordt al op veel plekken gezet. Dit gebeurt op vrijwel alle organisaties. Denk aan vrijwilligerswerk, arbeidsmatige dagbesteding bij bedrijven of werk in opdracht van externe partijen.

Organisaties zijn overwegend positief over deze beweging. Meer dan de helft beoordeelt de ervaringen met begeleiding naar onbetaald werk als (zeer) goed. Het is een belangrijke tussenstap waarin mensen met een beperking hun talenten kunnen ontdekken, vaardigheden ontwikkelen en ervaren wat werken voor hen betekent.

De stap naar betaald werk blijft het lastigst

De overstap naar betaald werk blijkt nog het meest uitdagend. Hoewel een meerderheid van de organisaties hier wel stappen in zet, is een kwart daar nog niet of nauwelijks mee bezig. En ook organisaties die wel ervaring hebben, zijn hierover voorzichtiger: slechts een kleine groep beoordeelt de ervaringen met begeleiding naar betaald werk als positief.

Dat heeft verschillende oorzaken. De mogelijkheden van cliënten verschillen sterk, financiering en regelgeving sluiten nog onvoldoende aan en de begeleiding is intensief. Ook spelen zorgen bij cliënten, verwanten en medewerkers een rol. 

Tegelijkertijd laat het onderzoek zien dat betaald werk wél mogelijk is, zij het vaak op kleine schaal en met de juiste voorwaarden: een heldere visie, voldoende expertise, samenwerking met andere doelgroepen of regionale partners en ruimte om te leren door te doen.

Talentontwikkeling als motor

Naast werk is talentontwikkeling een belangrijke pijler van de beweging. Ruim twee derde van de onderzochte organisaties zet hier al actief op in. Zij bieden ontwikkeltrajecten op maat, praktijkleertrajecten of (branche)opleidingen aan en investeren in de deskundigheid van begeleiders.

Organisaties zijn unaniem positief over het belang van talentontwikkeling. Wel is er nog winst te behalen in eenduidigheid, schaal en aansluiting van opleidingen bij de doelgroep. Wat helpt, zo blijkt uit verdiepende gesprekken, is een duidelijke visie, specialistische kennis in huis en aandacht voor wat deze omslag vraagt van medewerkers.

Deelnemers bloeien op en worden zelfverzekerder en zelfstandiger. Hun collega's worden blij van de samenwerking en leren ook van hen.

Positieve effecten voor iedereen

Misschien wel het krachtigste signaal uit het onderzoek is de brede erkenning van de positieve effecten van passend werk: 

  • Het is een boost is voor de deelnemers en goed voor hun ontwikkeling om te leren van mensen buiten de organisatie. Ze bloeien op en worden zelfverzekerder en zelfstandiger. 
  • Andersom leren de collega's van deze deelnemers, en zij worden vrolijk van de samenwerking.
  • Ook de maatschappij heeft baat bij de transitie, door vermindering van arbeidsmarkttekorten. 
  • Tot slot concludeert dit onderzoek dat de transitie de zichtbaarheid van mensen met een beperking vergroot en het beeld dat over hen bestaat veranderd. Het wordt concreet duidelijk wat mensen met een beperking wél kunnen.

Werk aan de winkel

Het onderzoek laat zien dat de sector in beweging is en dat die beweging werkt. Tegelijkertijd is duidelijk dat de transitie tijd kost en niet overal even ver gevorderd is. Met name de stap naar betaald werk vraagt om verdere samenwerking, passende financiering en ruimte om te experimenteren. De VGN blijft zich met haar leden inzetten voor de beweging naar passend werk, bijvoorbeeld via IPS-trajecten, lobby voor passende wet- en regelgeving en het programma Simpel Switchen.

VGN Onderzoek naar passend werk: transitie van de dagbesteding, nulmeting en verdieping

Wil je meer weten of heb je vragen of opmerkingen?

Neem contact op met Aart Bertijn
Telefoonnummer
Aart Bertijn

Deze pagina is een onderdeel van