Vervolg energie-audit (deel 5)

In dit artikel vervolgen we de informatie over de aanpak van een energie-audit. We adviseren over de aanpak, we voegen enkele voorbeelden toe en we gaan in op de te nemen maatregelen. Voorop blijft ons advies: ga proactief aan de slag met uw omgevingsdienst en wacht niet af tot anderen u vertellen hoe het moet.

energie

In vier eerdere artikelen (11 januari, 23 december, 23 november en 13 oktober) informeerden we u over de energie-audit. Kern: grote organisaties zijn verplicht om een energie-audit uit te voeren. Ondernemingen met meer dan 250 fte of een jaaromzet boven de € 50 miljoen zijn op grond van Europese milieuregelgeving (EED) verplicht om een energie-audit uit te voeren. Een energie-audit is een overzicht van alle energiestromen en het energieverbruik van gebouwen, inclusief warmte. Deze audit moest oorspronkelijk vóór december 2015 worden uitgevoerd en dient dan vervolgens tenminste elke vier jaar te worden herhaald. Het is de bedoeling dat aan de audit een plan van aanpak wordt gekoppeld, waarin de uitvoering van haalbare maatregelen op het gebied van energiebesparing en verduurzaming wordt opgenomen. De deadline van december 2015 was onhaalbaar en we adviseerden als gezamenlijke branches (VGN, Actiz en GGZ) u om met uw Omgevingsdienst (de uitvoerende instantie van de gemeentelijke overheid) in gesprek te gaan, ten eerste om uitstel te vragen, maar vervolgens ook om een plan van aanpak te bespreken, want van uitstel zou geen afstel komen, dat was wel duidelijk. Zo’n plan van aanpak is bedoeld om te bespreken wat u aan energiestromen in beeld moet brengen en waarom; gevolgd door de vraag welke maatregelen u eventueel moet nemen om energiebesparing en verduurzaming tot stand te brengen.

Wellicht bent u momenteel reeds in gesprek met uw Omgevingsdienst. Ons blijkt dat ook de Omgevingsdiensten niet goed raad weten met deze zaak. De één is soepel en de ander is streng in de leer. Dat is onvermijdelijk en de VGN heeft daarop ook weinig invloed. Wel proberen we u opnieuw enkele handreikingen te doen, maar ook hier beseffen we: voor de ene instelling biedt dit de helpende hand en voor de andere niet omdat u zelf reeds een alternatieve route hebt gekozen. In dat laatste geval adviseren we u om zeker op uw eigen gekozen pad door te gaan. Sommige adviesbureaus leveren voor veel geld weinig diensten; andere leveren voor weinig geld veel diensten. Dat is ook op het gebied van de energiebesparing en verduurzaming het geval. Maar wellicht dat sommige instellingen met onderstaande informatie geholpen worden. U vindt veel informatie op de sites van het kenniscentrum Infomil (ministerie van IenM) en van de RVO (waarover we u informeerden in ons artikel van 13 oktober).

We voegen een voorbeeld bij van een energie-audit: hoe ziet dat er nu uit (bijlage 1). Daar hoort een uitleg bij (= bijlage 2). U kunt de resultaten zelf beoordelen aan de hand van bijlage 3. Het is geen eenvoudige kost, maar we krijgen dan ook van diverse kanten het signaal dat veel instellingen ook daadwerkelijk ondersteuning zullen moeten inhuren. En ook duidelijk is: voor een energie-audit bestaat geen subsidie. Wel is er voor incidentele maatregelen (zoals zonnepanelen) soms een subsidiemogelijkheid. Bij energiebesparing en verduurzaming gaan de kosten voor de baat uit.

Dat brengt ons bij de volgende stap: de wet- en regelgeving kent een zogenaamde lijst van ‘16 erkende maatregelen’. Deze zijn opgenomen in het zogenaamde Activiteitenbesluit dat algemene milieuregels voor bedrijven bevat. In essentie geldt dat breed in de samenleving, los van de recente energie-audit. De Nederlandse regelgeving (het Activiteitenbesluit) gold sowieso al, alleen niemand hield toezicht. Door de Europese regelgeving rond de energie-audit (EED) komen de maatregelen uit het Activiteitenbesluit in een ander (prominenter) licht te staan. Deze erkende maatregelen zullen zich veelal binnen vijf jaren terugverdienen en kunnen uiteindelijk financieel voordeel opleveren voor uw instelling. Veel hangt af van de vraag hoe ‘maatschappelijk-groen’ u wilt zijn. Daar zijn geen standaard regels voor. We hebben als VGN, Actiz en GGZ deze maatregelen in een schema laten zetten (bijlage 4). Als u geïnteresseerd bent, kunt u dit schema invullen en aan de hand van kleuren biedt het u een handig inzicht in de vraag in welke maatregelen u het beste kunt investeren. De maatregelen worden uitvoerig beschreven in het Activiteitenbesluit (voor alle maatschappelijke sectoren), maar voor uw gemak hebben we het onderdeel dat op de gezondheidszorg betrekking heeft in en apart Word-bestand gekopieerd (bijlage 5).

We hopen u enige handreiking te bieden met de bovenstaande informatie. Maar het belangrijkste blijft: ga proactief in gesprek met uw omgevingsdienst, maak zelf uw plan (waar nodig met hulp van externen en kies uw eigen adviseur) en mogelijk helpen onze aanwijzingen u enigszins in deze ingewikkelde materie.

Deze pagina is een onderdeel van