Nieuws

Overheveling behandeling naar de Zvw: waar staan we nu?

Alweer een half jaar geleden kondigde het kabinet aan dat zij behandeling en geneesmiddelen voor Wlz-cliënten wil overhevelen naar de Zvw. In dit artikel geven we een overzicht van wat er op dit moment bij de VGN bekend is over dit voornemen en hoe de VGN hierin acteert.

cliënt krijgt fysiotherapie

Maatregel coalitieakkoord en nadere duiding

In het coalitieakkoord worden slechts een paar zinnen aan dit onderwerp gewijd in de budgettaire bijlage. Aangegeven wordt dat per 2025 behandeling en geneesmiddelen van de Wlz naar de Zvw worden overgeheveld om de rechtsongelijkheid op te heffen. Daarbij wordt tandheelkundige zorg uitgezonderd, dit blijft in de Wlz. Er wordt een besparing ingeboekt van structureel €170 miljoen. Deze korte omschrijving riep veel onduidelijkheid op over de reikwijdte. Inmiddels is er vanuit VWS een nadere duiding gegeven. Met deze voorgenomen maatregel worden bijna alle vormen van behandeling meegenomen. Het gaat om zowel de specifieke behandeling (door Arts VG, gedragskundige en paramedicus) als om algemene behandeling (huisarts, medicijnen, hulpmiddelen). Naast de uitzondering voor tandheelkundige zorg, wordt ook de recent onder de Wlz gebrachte mobiliteitshulpmiddelen en roerende voorzieningen voor verblijfscliënten buiten beschouwing gelaten.

Ook zijn de redenen voor deze maatregel aangegeven:

  • Financieel: meer doelmatigheid mogelijk, uit een onderzoek van VWS blijkt dat behandeling aan Wlz cliënten vanuit de Zvw goedkoper is
  • Inhoudelijk: de organiseerbaarheid van behandeling is een knelpunt: er is een ongelijke verdeling van de inzet van schaarse behandelaren (met name Artsen VG)
  • Inhoudelijk: ongelijkheid in de toegang tot behandeling door de verschillen in aanspraak binnen de Wlz

Aanpak en tijdspad

Binnen VWS is een structuur opgezet vanuit de directies langdurige zorg en Zorgverzekeringen om deze maatregel aan te pakken. Er zijn interne werkgroepen per behandelvorm die de kansen en risico’s van de overheveling in kaart brengen. Ook is er een werkgroep voor de financiering. Vanuit deze werkgroepen wordt soms inhoudelijke expertise gevraagd, waarvoor de VGN experts vanuit de leden aandraagt. Daarnaast wordt de VGN betrokken bij consultaties.

Daarnaast is er een bestuurlijke klankbordgroep waarbij de verschillende branche-, beroeps- en cliëntenorganisaties waaronder de VGN, zijn betrokken. Deze klankbordgroep richt zich op de verbinding tussen de verschillende behandelvormen en op de verbinding met andere landelijke  trajecten. Aandacht voor het specifieke karakter van de gehandicaptensector moet hierbij nog beter worden geborgd.

In de zomer geeft het ministerie op basis van wat uit de werkgroepen komt advies aan minister Helder over hoe met deze maatregel om te gaan. In het derde kwartaal wordt in een brief aan de kamer ingegaan op de uitwerking, planning en vervolgstappen.  

Standpunt en acties VGN

De VGN heeft aangegeven grote zorgen te hebben over de gevolgen van de overheveling voor cliënten,  zorgverleners en zorgorganisaties. Het karakter van behandeling in de langdurige gehandicaptenzorg past niet bij de Zvw. De voorgenomen maatregel zoals die nu voor ligt is in ieder geval niet acceptabel. We zien echter wel dat er in de huidige praktijk sprake is van ongelijkheid in de aanspraken, onduidelijkheid voor cliënten waar ze recht op hebben en praktijkvariatie in de inzet van behandeling. Eerder hebben we ons uitgesproken voor de positionering van behandeling integraal in de Wlz, in navolging van het advies van het Zorginstituut. Maar vanuit het knelpunt rond de toegang tot huisartsenzorg hebben we in 2021 voor medisch generalistische zorg een lichte voorkeur voor positionering in de Zvw onder voorwaarden uitgesproken.

In de context van de voorgenomen overheveling naar de Zvw van alle behandelvormen, maar ook andere zaken, zoals de ervaringen met de geneeskundige zorg voor specifieke patiëntgroepen (GZSP), bepalen we de komende weken  opnieuw de koers. Deze koersbepaling wordt in eerste instantie opgepakt met een delegatie van de bestuurlijke adviescommissies kwaliteit en veiligheid en bedrijfsvoering en in het VGN bestuur.

Daarnaast voeren we overleg met andere stakeholders en kijken we waar coalitievorming mogelijk is. Daarbij richten we ons op de NVAVG, NVO, NIP en Ieder(in) voor het specifieke karakter van de gehandicaptenzorg. Daarnaast is er ook overleg met andere stakeholders zoals ActiZ, ZN en de LHV. Aandachtspunt daarbij zijn de paramedische beroepsgroepen, waar nog geen contact mee is. Ook werken we aan een beschrijving van behandeling in de langdurige gehandicaptenzorg, samen met de NVAVG, NVO, NIP, BPSW, V&VN en Ieder(in).

Tot slot

Het is duidelijk dat deze maatregel een enorme impact heeft. Voor de samenhang van behandeling met andere onderdelen van de zorg, voor de rol die behandelaren hebben naar teams en naar de organisatie en vele andere aspecten. Veel is nog onduidelijk, moet nog uitgewerkt worden en dit zal leiden tot verder besluitvorming bij de VGN en bij VWS en andere partijen.  In de ledenbijeenkomst van 12 mei jongstleden zijn veel vragen gesteld, waarop nog geen antwoord is. We nemen dit uiteraard mee in het vervolg. 

In de bijlage staat de presentatie die tijdens de ledenbijeenkomst is getoond.