Veelgestelde vragen over het coronavirus

Algemeen: het is belangrijk dat zorgaanbieders in de gehandicaptenzorg de adviezen of aanwijzingen van de GGD en het RIVM overnemen. De GGD is in geval van een besmetting het eerste aanspreekpunt voor zorgaanbieders.

Vragen over Persoonlijke Beschermingsmiddelen (PBM)

Wanneer moet ik persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM) gebruiken? + -

Er is een tekort aan beschermingsmiddelen in Nederland. Daarom is het belangrijk dat deze beschermingsmiddelen alleen worden ingezet als dat noodzakelijk is. Dus niet te vroeg en niet te laat. Daarom heeft het RIVM de richtlijn “Persoonlijke beschermingsmiddelen buiten het ziekenhuis” ontwikkeld. Deze richtlijn geeft aan in welke situaties zorgmedewerkers persoonlijke beschermingsmiddelen moeten gebruiken om besmetting te voorkomen. Een vertaling van deze algemene richtlijn voor de gehandicaptenzorg is voorgelegd aan het RIVM.

Als een arts voor verstandelijk gehandicapten (AVG) of een huisarts constateert dat er een gerede kans op besmetting met het coronavirus moet in deze richtlijn persoonlijke beschermingsmiddelen worden gebruikt bij persoonlijke verzorging en lichamelijk onderzoek. Het gaat hierbij tenminste over een chirurgisch mondneusmasker en wegwerphandschoenen voor de medewerker. Het mondneusmasker kan 3 uur achtereen gedragen worden (bij verschillende cliënten). De handschoenen moeten per cliënt gewisseld te worden. Maar de richtlijn geeft ook aan wanneer deze middelen niet nodig zijn.

De gehele instructie voor de gehandicaptenzorg vind je hier. De algemene richtlijn van het RIVM vind je hier.

Vragen over testen op het coronavirus

Wanneer wordt iemand getest op het coronavirus? + -

Er is een tekort aan materialen om te testen of cliënten of medewerkers besmet zijn met het coronavirus. Daarom heeft het RIVM nieuwe richtlijnen opgesteld waaruit afgeleid kan worden of er wel of juist niet getest moet worden. Hierbij is een onderscheid gemaakt naar medewerkers en cliënten. Zie in de vragen hieronder de uitwerking voor zorgmedewerkers en cliënten. Er wordt nog gewerkt aan een stroomschema en/of nadere uitwerking voor de gehandicaptenzorg.

Wat is het testbeleid voor zorgmedewerkers? + -

Het RIVM heeft een algemene richtlijn gemaakt die aangeeft wanneer een medewerker moet worden getest op het coronavirus, wanneer dat niet nodig is of dat het juist verstandig is om even niet te werken.  Er wordt nog gewerkt aan een stroomschema en/of nadere uitwerking voor de gehandicaptenzorg.

Wat is het testbeleid bij cliënten? + -

Anders dan bij de ziekenhuizen worden thuiswonende cliënten met klachten die kunnen duiden op corona niet getest omdat dit het behandelbeleid niet verandert. Als een AVG of huisarts in een thuissituatie toch een test wil afnemen, dan is dat in overleg met de GGD mogelijk. Bij woonzorgcentra of andere plekken waar veel kwetsbare mensen bij elkaar wonen, wordt alleen getest om vast te stellen of er wel of juist geen sprake is van het coronavirus. Dit is van belang voor het verpleegbeleid. Meestal volstaat het dan om bij 1 of 2 bewoners een test af te nemen. Als na de test blijkt dat zij besmet zijn met het coronavirus, wordt de hele locatie/afdeling als besmet beschouwd. De volledige tekst van de richtlijn vindt u op de site van het RIVM. Er wordt nog gewerkt aan een stroomschema en/of nadere uitwerking voor de gehandicaptenzorg.

Vragen over de bezoekregeling

Geldt er een algeheel bezoekverbod in de gehandicaptenzorg? + -

Nee, er geldt geen generiek verbod op bezoek maar er is wel een bezoekersregeling met als uitgangspunt: ’Nee, tenzij’. Dat betekent dat bezoek zoveel mogelijk wordt beperkt gedurende de algemene maatregelen. De zorgorganisatie heeft de mogelijkheid van de regeling af te wijken als het contact met familie of een vrijwilliger van essentieel belang is voor de cliënt. De uitgangspunten en toelichting op de regeling staan op de website van de VGN.

Waarom is er speciale bezoekregeling voor de gehandicaptenzorg vastgesteld? + -

De gehandicaptenzorg kent veel verschillende woon en verblijfsvormen. Ook de populatie bij de zorgaanbieders is divers en de risicoprofielen van cliënten verschillen enorm. Daarom heeft de gehandicaptenzorg een eigen bezoekersregeling.

De gehandicaptenzorg is ervan doordrongen dat het voor de psychische en sociale gezondheid van essentieel belang is dat mensen met een beperking contact kunnen houden met hun (gezins)systeem. Tegelijkertijd nemen de risico’s op verspreiding van het coronavirus toe en zijn er ingrijpende maatregelen nodig om kwetsbare mensen met een beperking, hun naasten en zorgmedewerkers te beschermen. Daarom is het uitgangspunt: ‘Geen bezoek, tenzij’. Alleen op deze manier kunnen we bijdragen aan het voorkomen van de verspreiding van het virus en cliënten en medewerkers beschermen.

Geldt de bezoekregeling voor heel Nederland? + -

Ja, tenzij er voor een regio door het Regionaal Overleg Acute Zorg (ROAZ) of de GGD extra beperkende maatregelen zijn opgelegd. Op dit moment gelden er daardoor strengere maatregelen in Noord Brabant en Limburg. De aangescherpte maatregelen voor een regio moeten ook door zorgorganisaties direct worden nageleefd in het belang van de gezondheidssituatie in de regio.

Kan een ouder of verwant verboden worden om bij zijn of haar kind op bezoek te gaan? + -

Ja, dat kan, maar het is een besluit dat weloverwogen genomen zal worden. Het heeft immers pijnlijke consequenties voor cliënten en ouders of andere verwanten. Het is de verantwoordelijkheid van de zorgorganisatie om te beslissen of er afgeweken kan worden van het algemene uitgangspunt ‘geen bezoek, tenzij….’.  Als er afgeweken wordt, besluit de zorgorganisatie welke personen cruciaal zijn voor de zorg en ondersteuning van een cliënt. Het is belangrijk om cliënten, verwanten en medewerkers zorgvuldig te informeren over het besluit.

Geldt de bezoekregeling ook voor cliënten die in een zelfstandig appartement wonen met begeleiding van een zorgorganisatie? + -

Het is aan de zorgaanbieder om aan de hand van de landelijke bezoekersregeling per locatie te duiden hoe het ‘Nee, tenzij-beleid’ wordt ingevuld. Iedere locatie is namelijk anders. Het vraagt om maatwerk. Ook als een cliënt in een appartement woont met een eigen opgang en niet van gemeenschappelijke ruimtes afhankelijk is (o.a. keuken, toilet, badkamer, woonkamer) zal de aanbieder op basis van de bezoekersregeling bepalen wat er wel en niet kan.

Mag ik nog op bezoek bij mijn familielid of kennis in de gehandicaptenzorg? + -

Om de cliënten in de gehandicaptenzorg te beschermen heeft de VGN een richtlijn opgesteld. In verband met het risico op besmetting met het coronavirus is bezoek in de gehandicaptenzorg niet toegestaan, tenzij dit noodzakelijk is. Zorginstellingen kunnen met behulp van deze richtlijn beslissen of bezoek noodzakelijk is voor de cliënt. De richtlijn is opgesteld door de VGN in samenwerking met organisaties van cliënten en naasten. VWS ondersteunt deze lijn. Heeft u vragen? Neem contact op met de zorginstelling of stuur uw vraag naar corona@vgn.nl.

Wanneer is bezoek noodzakelijk? + -

Alleen medewerkers en cruciale personen (verwant, vrijwilliger) mogen naar binnen. Per dag 1 bezoeker per cliënt en maximaal 1 uur. Ontvangers en bezoekers blijven op 1,5 meter afstand van elkaar. Bezoekers wassen hun handen bij binnenkomst én bij vertrek. Cruciale personen zijn mensen (veelal verwant) die nodig zijn voor de continuïteit van de zorg en dienstverlening of die voor het emotioneel/psychisch welzijn van de cliënt erg belangrijk zijn. Zo’n cruciale persoon moet helemaal klachtenvrij zijn. De dagelijkse bezoeker vermijdt gemeenschappelijke ruimtes, heeft alleen contact in de eigen ruimte of spreekt bijvoorbeeld buiten af, om te gaan wandelen, met minimale afstand van 1,5 meter. Als de familie en wettelijke vertegenwoordigers, zijn/haar familielid, die in een instelling woont, wil ophalen om voor een periode naar huis te gaan dan blijft de cliënt thuis tot de crisis over is.

Tot wanneer gelden de maatregelen rondom de bezoekregeling in de gehandicaptenzorg? + -

De maatregelen gelden tot er een wijziging wordt aangekondigd. Uiteraard worden de ontwikkelingen nauw gevolgd en zullen aanpassingen worden gedaan aan de richtlijn wanneer dit mogelijk is.
 

Is bezoek toegestaan bij kleinschalige woonvormen in de gehandicaptenzorg? + -

Voor kleinschalige zorgorganisaties geldt ook dat bezoek niet toegestaan is tenzij dit noodzakelijk is voor de cliënt. Dit om de bewoners en medewerkers te beschermen. Het is van groot belang om ook deze mensen te beschermen, door het sociaal contact zo veel mogelijk te beperken.

Kunnen zorgorganisaties de mogelijkheden om op bezoek te gaan bij cliënten zomaar beperken? + -

Ja, ook voordat de coronacrisis uitbrak, beperkten zorgorganisaties de mogelijkheden om bij cliënten op bezoek te gaan. Dat kan zowel praktische als zorginhoudelijke redenen hebben. Veel zorgorganisaties hanteren bijvoorbeeld bezoektijden. Ook kan bepaald worden dat cliënten die veel rust nodig hebben tijdelijk geen of minder bezoek krijgen. Het coronavirus is reden om de bezoekregelingen tijdelijk aanzienlijk aan te scherpen. Zorgorganisaties moeten er alles aan doen om te voorkomen dat cliënten die aan hun zorgen zijn toevertrouwd en medewerkers besmet worden met dit virus. Dit is gebaseerd op de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg, die bepaalt dat zorgorganisaties goede zorg moeten aanbieden, waaronder in ieder geval ook veilige zorg wordt verstaan. Veilige zorg impliceert dat het risico op besmetting zo klein mogelijk moet worden gehouden. De veiligheid van cliënten en medewerkers rechtvaardigt dus de tijdelijke beperkingen van de mogelijkheden om bezoek te ontvangen. 
 

Hebben cliënten dan geen recht op bezoek? + -

Cliënten hebben recht op bezoek conform de regeling die daarvoor geldt binnen de zorgorganisatie. In de gegeven omstandigheden is het voor de bescherming van de veiligheid van cliënten en medewerkers noodzakelijk om die regeling aan te passen. In andere sectoren wordt tot vergelijkbare en soms strengere beperkingen besloten. 

Wat gebeurt er als een bezoeker zich niet houdt aan de bezoekbeperking? + -

Wanneer iemand een locatie betreedt ondanks dat hij dat niet mag, zal hij daarop worden aangesproken door de zorgorganisatie. Wanneer de bezoeker niet weggaat of nog steeds probeert de locatie te betreden dan kan de zorgorganisatie de hulp van de politie inschakelen. Zo nodig kan diegene door de politie uit de locatie verwijderd worden. 

Kan een cliënt zijn verblijf bij de zorgorganisatie tijdelijk onderbreken, voor de duur van de periode waarin de bezoekbeperking geldt? + -

In onderling overleg kunnen afspraken gemaakt worden. Daarbij geldt als uitgangspunt dat als de cliënt zijn verblijf tijdelijk onderbreekt, hij niet kan terugkeren in de periode waarin de bezoekbeperkingen gelden. Dit om besmettingsgevaar voor andere cliënten en medewerkers te beperken. De cliënt valt dan, net als anderen die van buiten de locatie komen, onder de bezoekbeperking. Van belang hierbij is dat zorgorganisaties geen vergoeding meer krijgen voor een cliënt als hij langer dan twee weken weg is. VGN zet zich in voor versoepeling van deze regeling, zodat zorgorganisaties de plek van een cliënt voor hem gereserveerd kunnen houden, ook als hij langer dan twee weken weg is. Als de zorgorganisatie vindt dat het risico groot is dat de cliënt zichzelf of iemand anders ernstig benadeelt als hij het verblijf tijdelijk onderbreekt, kan de zorgorganisatie een inbewaringstelling aanvragen. De cliënt wordt dan gedwongen zijn verblijf voort te zetten.
 

Moet het stappenplan uit de Wet zorg en dwang gevolgd worden als besloten wordt om de mogelijkheden om cliënten te bezoeken te beperken? + -

Het stappenplan uit de Wet zorg en dwang is een besluitvormingsprocedure die gevolgd moet worden als zorg in het zorgplan van een cliënt wordt opgenomen waartegen de cliënt (of zijn vertegenwoordiger) zich verzet. Dan is sprake van onvrijwillige zorgverlening. Een vorm van onvrijwillige zorg is het ‘beperken van het recht op het ontvangen van bezoek’. Het gaat dan echter niet om maatregelen die voor iedereen gelden, zoals de beperkingen om op bezoek te gaan om besmettingsgevaar zoveel mogelijk te voorkomen, maar om beperkingen waartoe voor een individuele cliënt wordt besloten (bijvoorbeeld beperking van bezoek omdat de cliënt door te veel bezoek overprikkeld kan raken of beperking van bezoek door loverboys geen toegang te geven). Het stappenplan is dus niet van toepassing als besloten wordt om de mogelijkheden te beperken om alle cliënten die op een locatie verblijven te bezoeken. Overigens heeft het ministerie van VWS bekendgemaakt dat tijdens de coronacrisis kan worden afgeweken van het stappenplan uit de Wzd als dat in de gegeven omstandig¬heden nodig is (https://www.dwangindezorg.nl/wzd/wzd-en-coronacrisis).
 

Als er bezoek bij een cliënt mag komen, geldt dan ook dat 1,5 meter afstand gehouden moet worden? + -

Ja, dat klopt. Als het door de zorgorganisatie wordt toegestaan dat een cliënt bezoek ontvangt geldt de afspraak dat bezoek 1,5 meter afstand houdt van de cliënt en eventuele zorgmedewerkers. De afspraken die gelden tijdens het bezoek zijn opgenomen in de bezoekregeling voor de gehandicaptenzorg.

Dagbehandeling, dagbesteding en onderwijs

Wat zijn de gevolgen van de bezoekregeling voor de dagbesteding in de gehandicaptenzorg? + -

Op dagbestedingslocaties komen vaak cliënten vanuit meerdere adressen bij elkaar. Hierdoor is het risico op verspreiding van het coronavirus groot. Veel dagbestedingslocaties hebben hun activiteiten daarom gestaakt. Door zorgaanbieders en anderen wordt hard gewerkt om een andere dag invulling voor cliënten te organiseren, bijvoorbeeld online. In enkele gevallen worden de dagbestedingsactiviteiten wel doorgezet. Zorgaanbieders maken hierbij hun eigen afweging en treffen maatregelen om de veiligheid van de cliënten zo veel mogelijk te beschermen. Heeft u vragen? Neem contact op met de zorginstelling of stuur uw vraag naar corona@vgn.nl.

Onze dagbesteding is gesloten. Toch zien we een stijgende vraag naar opvang. Wat kunnen we doen? + -

Organisaties zien dat het voor zowel cliënten als hun netwerk thuis belangrijk is dat er waar mogelijk opvang of ondersteuning geregeld wordt. Het is fijn als organisaties er alles aan proberen te doen om cliënten de structuur te bieden die zij (hard) nodig hebben en\of het netwerk thuis te ontlasten. In deze tijd gaat de voorkeur uit naar (individuele) ondersteuning op afstand, via digitale kanalen en telefonisch. Dus het bieden van alternatieven voor thuis of op de woonlocatie. Soms vinden organisaties het noodzakelijk voor het psychisch/sociaal-emotionele functioneren van de cliënt  en zijn gezinssysteem om toch dagbesteding of opvang te organiseren voor een individuele cliënt of in een hele kleine groep.

De zorgaanbieder maakt op organisatieniveau, met oog voor de diversiteit van de cliënten en locaties, een eigen risicoafweging. De aanbieder bepaalt bij welke cliënten en gezinssystemen er de noodzaak is om dagbesteding of opvang te organiseren. Organisaties mogen hierin de keuzes maken die zij nodig achten. Lees er hier meer over.

Vragen over kinderopvang

Moeten twee ouders een cruciaal beroep hebben om beroep te kunnen doen op kinderopvang? + -

Het is belangrijk dat mensen die een cruciaal beroep hebben, kunnen blijven werken. Mensen die werkzaam zijn in één van de vitale sectoren, kunnen daarom terecht bij de kinderopvang. Als in een gezin één ouder een cruciaal beroep uitvoert, is het verzoek om zelf de kinderen op te vangen als dat kan. Als dat niet lukt, kan er een beroep worden gedaan op de school en/of kinderopvang (dagopvang, BSO, gastouderopvang). Hierbij is het geen harde eis dat beide ouders een cruciaal beroep uitoefenen. Lees verder

Vragen over financiering en verantwoording van zorg

Hoe wordt continuïteit in bedrijfsvoering bevorderd? + -

Het kabinet heeft op 17 maart 2020 een noodpakket bekendgemaakt om banen te behouden en de economische gevolgen van de maatregelen tegen de uitbraak van het coronavirus te beperken. Dit noodpakket is ook van toepassing op de gehandicaptenzorg (als Wlz-afspraken niet voldoen, zie hieronder). Daarnaast gaat het kabinet specifiek in op de gevolgen voor zorgaanbieders. In dit artikel geven wij de meest relevante onderdelen voor de gehandicaptenzorg weer. De VGN is in overleg met ministerie, ZN, VNG en NZa over de uitwerking van de maatregelen.

De VGN zet in op: 

  • Doorbetaling van de productie zoals die onder normale omstandigheden zou zijn geleverd
  • Liquiditeitssteun waar nodig
  • Achteraf vergoeden van extra kosten die samenhangen met corona
  • Snelle duidelijkheid over hoe en wat geregistreerd/gedeclareerd moet worden voor compensatie productieverlies en extra kosten 

De VNG heeft op 18 maart 2020 gemeenten opgeroepen om aanbieders met wie ze een contract hebben, te blijven betalen: ook als er een andere of beperkte prestatie kan worden geleverd. Ook dit vereist nadere uitwerking. Zodra wij hierover duidelijkheid hebben, informeren wij u daarover. Ook zorgkantoren hebben in de brief van 23 maart vier oplossingen aangekondigd die zorgaanbieders financiële zekerheid bieden tijdens deze crisis. Deze oplossingen sluiten goed aan bij de VGN-inzet, al is ook hiervan nadere uitwerking vereist. In die brief, die is afgestemd met VWS, wordt genoemd dat de Wlz en deze vier oplossingen voorliggend zijn aan het noodpakket banen en economie wat door het kabinet is aangekondigd. Het advies blijft dan ook om extra kosten bij te houden en bij dreigende liquiditeitsproblemen contact op te nemen met de eigen zorgfinancier.

Welke informatie moeten aanbieders bijhouden om vraaguitval / extra kosten vergoed te krijgen?  + -

De VGN werkt aan de uitwerking hiervan, in samenspraak met NZa, ZN, VNG en de andere branches. Totdat wij meer details kunnen aangeven, adviseren we om bij te houden hoeveel medewerkers vanwege het coronavirus thuis blijven, welke prestaties en diensten vanwege het virus niet geleverd kunnen worden aan cliënten en te registreren wat eventueel andere kostenposten zijn.

Treedt de VGN op als derde deskundige bij het aanvragen van uitstel van belastingbetaling langer dan 3 maanden?   + -

Nee. Ondernemers die door de coronacrisis in liquiditeitsproblemen zijn gekomen of zullen komen, kunnen bij de belastingdienst uitstel van betaling aanvragen. Op aanvraag wordt uitstel van betaling voor de eerste 3 maanden automatisch toegekend. Bij langer uitstel vraagt de belastingdienst om meer informatie, mogelijk ook om een verklaring van een derde deskundige over de financiële situatie van ondernemer. De belastingdienst stelt dat een brancheorganisatie op kan treden als derde deskundige, naast bijvoorbeeld de externe consultant, externe financier, eigen accountant of fiscaal dienstverlener. Deze laatste partijen zijn gezien de bestaande financiële betrokkenheid beter in staat om een zorgvuldig beeld op te maken dan de VGN.

Is zorg op afstand een alternatief die bekostigd wordt? + -

De NZa heeft te kennen gegeven extra verruiming aan te brengen voor zorg op afstand tijdens deze coronacrisis. Zodat iedere zorgverlener die zorg op afstand wil leveren, dat moet kunnen doen en niet belemmerd wordt door declaratiebeperkingen. Daarom stelt de NZa alle eventuele belemmeringen of beperkende voorwaarden hiervoor in alle zorgsectoren buiten werking. Voorbeelden hiervan zijn een contractvoorwaarde in de NZa-regels of de verplichting van face-to-facecontact. Dit betekent dat zorg op afstand ook in rekening kan worden gebracht zonder dat hiervoor een speciale prestatie is vastgesteld of als niet precies is voldaan aan de voorwaarden. Zorgaanbieders kunnen ook dan een reguliere zitting/consult/behandeling declareren.

Wlz-aanbieders kunnen voor alle diensten en leveringsvormen de reguliere prestatie declareren als zij in plaats van face-to-face contact een digitale variant hanteren.

Is het mogelijk om uitstel te krijgen voor betalingen aan het pensioenfonds PFZW? + -

Indien u als zorginstelling in betalingsproblemen komt, is het mogelijk om uitstel aan te vragen van de afdracht van pensioenpremies. Dit kan via de volgende link. PFZW zal de aanvragen individueel beoordelen. De zorgbranches zijn op dit moment in gesprek met PFZW om deze procedure zo eenvoudig en gestroomlijnd mogelijk te maken. We passen deze mededeling aan als daar nieuws over is te melden. Het gaat om uitstel van betaling, de premies blijven uiteindelijk wel verschuldigd.

Hoe kunnen zorgaanbieders omgaan met het vervoer bij het vervallen van dagbesteding? + -

In vervoerscontracten die zorgaanbieders afsluiten met vervoerders is contractueel meestal afgesproken dat wordt betaald voor het daadwerkelijk verrichte vervoer. Dat betekent omgekeerd ‘geen vervoer, geen betaling’. De brancheorganisatie voor vervoerders (KVN) heeft hun leden geadviseerd opdrachtgevers toch te verzoeken tijdens deze crisisperiode 80% van het normale tarief voor de niet gereden ritten door te betalen, om continuïteit van vervoersactiviteiten na de Corona-crisis te kunnen waarborgen. De VGN heeft de verwachting dat de vervoerders een beroep kunnen doen op de Noodmaatregel overbrugging werkbehoud (NOW) voor een tegemoetkoming in de loonkosten van 90%. In het geval dat vervoerders via die weg gecompenseerd kunnen worden, is doorbetaling van vervoersprestaties die niet worden geleverd door zorgaanbieders niet meer aan de orde. De VGN heeft de KNV verzocht inzichtelijk te maken als de NOW onvoldoende soelaas biedt. 

In de brief van ZN over financiële helderheid in de langdurige zorg staat dat ook voor derden die door zorgaanbieders worden ingeschakeld voor bijvoorbeeld de dagbesteding in beginsel geldt dat binnen de publiek gefinancierde contractuele relatie de oplossing wordt gezocht. Dat wil zeggen binnen de Wlz-contracten tussen zorgkantoren en aanbieders. Zorgaanbieders dienen eerst een beroep op de Wlz-afspraken te doen, voordat zij een beroep doen op het noodpakket van het kabinet (waaronder de tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor werkbehoud (NOW)). Het is onduidelijk of dit ook geldt voor de contractuele relatie die aanbieders van dagbesteding doorgaans hebben met externe vervoersbedrijven. De VGN heeft deze vraag voorgelegd aan VWS en ZN.  

De VNG heeft op hun website een lijn voor doelgroepenvervoer van gemeenten gedeeld. Voor uitgevallen route-gebonden ritten is de lijn om 80% door te blijven financieren. Meer informatie is te vinden via de website van de VNG.

Moet er in de jaarrekening en bestuursverklaring over 2019 aandacht geschonken worden aan de coronacrisis? + -

Accountants stellen dat er in de jaarrekening en bestuursverklaring over 2019 aandacht moet worden geschonken aan de coronacrisis, in de vorm van een “gebeurtenis na balansdatum”. Meer daarover vindt u in deze NBA-alert.

De VGN herkent dat de coronacrisis als een gebeurtenis na balansdatum kan worden beschouwd die om aandacht vraagt in de jaarrekening 2019. We zijn van mening dat deze ver­kla­ring/toelichting beknopt kan zijn. Dit omdat veel nog onduidelijk is en de prioriteiten nu ergens anders liggen. De VGN zet in de landelijke overleggen in op een zoveel mogelijk doorlopende bekostiging in overleg met ZN en VNG en we zijn positief over de uitkomsten daarvan. Ook kunt u verwijzen naar de buffers liquiditeit en vermogen. Deze zijn bij de meeste leden goed op orde. Echte kwantificering van de impact zal op korte termijn echter nog niet kunnen. Mocht uw accountant niet akkoord gaan met een beknopte verklaring dan verneemt de VGN dat graag (via corona@vgn.nl), zodat we dit met Coziek, de landelijke commissie van zorgaccountants kunnen bespreken.

Is het mogelijk om het jaarverslag later in te dienen? + -

VWS heeft, mede op verzoek van de zorgbranches, besloten de uiterste datum waarvóór zorginstellingen hun jaarverantwoording 2019 aan het ministerie moeten aanleveren te verschuiven van 1 juni 2020 naar 1 oktober 2020. Het gaat daarbij specifiek om instellingen die daartoe op grond van de Wet toelating zorginstellingen, de Jeugdwet, de Tijdelijke wet ambulancezorg en de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 verplicht zijn. Voor deze laatste enkel voor zover deze zich aan de minister van VWS moeten verantwoorden. Dit besluit is genomen om ruimte te geven voor eventuele vertragingen die in het verantwoordingsproces kunnen ontstaan door de coronacrisis.

Komt de rechtmatigheid van inkomsten en uitgaven door de coronacrisis in het geding? + -

Door de coronacrisis kan het zijn dat zorgprestaties niet of niet volledig volgens de voorschriften geleverd worden terwijl de bekostiging wel doorloopt (dit is de VGN-inzet in de landelijke overleggen met ZN en VNG en we zijn positief over de uitkomsten daarvan). Dan komt de vraag naar voren wat dat betekent voor de rechtmatigheid van inkomsten en uitgaven. Leidt dat tot problemen bij de accountantscontrole volgend jaar? Dat hoeft niet. Accountants toetsen achteraf of er aan de gestelde normen/voorschriften is voldaan en leggen dat vast in een verklaring. Een optie is om een collectief besef te bevorderen dat het door de coronacrisis acceptabel is als bij de accountantscontrole blijkt dat niet alles (volledig) rechtmatig is verlopen. Een andere optie is dat de normen en voorschriften in de loop van dit jaar aangepast worden, om de praktijk die ontstaat door het coronacrisis te accommoderen. Dat zal veelal vermindering en vereenvoudiging van regelgeving zijn. De VGN zet zich hiervoor in. 
 

Hoe gaan de zorgkantoren om met de verschillende onderwerpen rond corona? + -

De zorgkantoren hebben een gezamenlijke brief opgesteld voor Wlz aanbieders over de financiële gevolgen. Deze brief kunt u hier lezen. Daarnaast houden de zorgkantoren gezamenlijk een document bij met vragen en antwoorden over het beleid van de zorgkantoren, zoals doorstroom, sluiting dagbesteding en opnamestop. Dit document wordt steeds bijgewerkt.

Vragen over werken in de gehandicaptenzorg

Wat zijn de extra maatregelen? + -

Bij functies waarbij dat mogelijk is wordt tevens geadviseerd om thuis te werken en/ of werktijden te spreiden om contact en verspreiding te beperken. Deze adviezen gelden ongeacht contacten of bezoek aan risicogebieden.

Continuïteit van werk bij besmetting + -

Heeft u vragen over het coronavirus in relatie tot continuïteit van werk? Kijk dan op de site van de AWVN. U kunt daar ook een Handreiking Coronavirus op de werkvloer VNO-NCW MKB-Nederland AWVN vinden. Staat uw antwoord er niet tussen en bent u lid van de VGN? Dan kunt u contact opnemen met de CAO helpdesk van de VGN via caohelpdesk@vgn.nl of telefoonnummer 030-273 97 19 (maandag, woensdag en donderdag van 9.00 tot 12.00 uur).

Wanneer moeten zorgmedewerkers (met direct of indirect cliëntencontact) thuisblijven? + -

Bij verkoudheid EN/OF hoesten EN koorts (is >38 graden): thuisblijven, in overleg met werkgever. Alleen verkoudheid EN/OF hoesten is geen reden om thuis te blijven.

Wanneer kunnen zorgmedewerkers weer aan het werk? + -

Mensen met bovengenoemde klachten moeten thuisblijven tot ze één dag niet meer hoesten en geen koorts hebben. Als familieleden van zorgmedewerkers nog wel klachten hebben, mag men wel gaan werken als men zelf één dag niet meer hoest en geen koorts heeft. 
 

Vragen over opleiden en onderwijs

Welke richtlijnen gelden er voor stagiaires en leerlingen bij zorgaanbieders in de gehandicaptenzorg? + -

Op 31 maart 2020 kondigde het kabinet aan dat maatregelen met betrekking tot het coronavirus verlengt worden tot 28 april. Dit betekent dat scholen, waaronder alle mbo-scholen, geen onderwijs meer verzorgen op hun fysieke locaties. Het doel van deze maatregel is het tegengaan van de verspreiding van het coronavirus. In het door het Ministerie van Onderwijs en Wetenschappen opgestelde servicedocument zijn de richtlijnen en aanbevelingen weergegeven. Deze kunt u hier lezen

In het servicedocument staat dat de zogenoemde praktijkvorming via opleidingsplaatsen (BBL) en stages (BOL) in de zorg door kan gaan, mits de corona-richtlijnen voor veiligheid en gezondheid in acht worden genomen. Het is aan organisaties en leerlingen/stagiaires in afstemming met de onderwijsinstelling om daar situatie-gebonden afwegingen en keuzes in te maken. Via deze link ziet u een voorbeeld van ’s Heeren Loo over de inzet van stagiairs.

Voor het gebruik van beschermende materialen zijn door het RIVM richtlijnen opgesteld, waarbij voor de sector gehandicaptenzorg een speciale instructie is opgesteld. Uiteraard gelden deze richtlijnen ook voor leerlingen/stagiaires.

Hoe gaan we nu om met het verlengen van certificaten rondom risicovolle niet voorbehouden handelingen en voorbehouden handelingen? + -

Wat betreft bevoegd en bekwaam voor zorgverleners die onder de Wet BIG vallen wordt dit in de BIG registratie geregeld. Niet-BIG geregistreerde zorgverleners in de gehandicaptenzorg vallen onder verantwoordelijkheid van de werkgever. De werkgever is verplicht op grond van artikel 3 goede zorg te leveren en voldoende kwantitatief en kwalitatief personeel in te zetten. De zorgaanbieder of de werkgever is hiervoor verantwoordelijk. Het is dus aan de werkgever/organisatie zelf hoe ze hiermee omgaan. Wat betreft de uitvoering geldt dat als de medewerker regelmatig wordt ingezet voor de uitvoering van de handeling, hij/zij door de inzet in de praktijk ook bekwaam blijft. Tenzij de medewerker zelf aangeeft dat hij/zij zich niet bekwaam voelt.

Het uitstellen van de toets onder deze omstandigheden blijft een afweging die de werkgever zelf kan maken.

Vragen mbt het platform extrahandenvoordezorg.nl

Hoe werkt de website www.extrahandenvoordezorg.nl? + -

Op deze site worden de initiatieven gebundeld voor extra zorgpersoneel gedurende deze coronacrisis. Via een database op de website worden de vraag naar en het aanbod van extra zorgpersoneel samengebracht. Vervolgens zorgt een team van regionale contactpunten ervoor dat mensen terecht komen op de plekken waar ze het hardst nodig zijn en ze het meest kunnen betekenen. Hierbij wordt uiteraard gelet op opleidingsniveau en ervaring, maar ook op het besmettingsrisico dat mensen van buiten de organisatie met zich mee kunnen brengen. Eerder maakte het ministerie van VWS al bekend dat verpleegkundigen en artsen van wie de BIG-registratie - minder dan twee jaar - verlopen is, toch gewoon aan de slag mogen. Ook wordt de verplichting tot herregistratie tot nader orde opgeschort. 

Het platform is een breed samenwerkingsverband van brancheorganisaties, vakbonden, regionale werkgeversorganisaties, beroepsverenigingen, private initiatieven en het ministerie van VWS. Er wordt bewust gebruik gemaakt van alle gerelateerde bestaande structuren, waaronder de inzet van het ROAZ.

Om de zorginstellingen hierbij zo veel mogelijk te ontlasten en vraag en aanbod zo goed mogelijk te verdelen, adviseren wij de VGN-leden om de inzet van extra medewerkers via dit platform www.extrahandenvoordezorg.nl te laten verlopen. 

Is een organisatie verplicht om een arbeidsovereenkomst aan te bieden? + -

Nee, dat is niet het geval. De intentie van degene die zich aanbiedt, is vrijwel altijd gericht op het vrijwillig bieden van extra hulp. Omdat er sprake is van vrijwilligheid, is de hoofdregel dat er een vrijwilligersovereenkomst geldt. Zeker als iemand hulp aanbiedt die bijvoorbeeld ook al een arbeidsovereenkomst elders heeft, of al gepensioneerd is, is het niet nodig om een arbeidsovereenkomst te sluiten.

Wanneer is er sprake van vrijwilligerswerk? + -

Vrijwilligerswerk is werk dat iemand onbetaald en onverplicht doet, voor anderen of voor de samenleving. In het algemeen gelden de volgende voorwaarden voor vrijwilligerswerk:

  • Het werk is in het algemeen belang of in een bepaald maatschappelijk belang;
  • Het werk heeft geen winstoogmerk;
  • Het werk kost de arbeidsmarkt geen banen en komt niet in de plaats van een betaalde baan.

Kan ik een vrijwilliger een vergoeding geven? + -

Het is mogelijk om vrijwilligers een vrijwilligersvergoeding te geven. Dit kan belastingvrij maar er gelden wel een aantal voorwaarden, waaronder:

a. het betaalde bedrag mag niet in verhouding staan tot de omvang en het tijdsbeslag van de verrichte werkzaamheden;
b. het betaalde bedrag mag niet hoger zijn dan € 170 per maand en ook niet hoger dan € 1.700 per jaar.

Voor meer informatie verwijzen wij u naar de site van de Belastingdienst.

Heeft een vrijwilliger een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) nodig? + -

Op grond van de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg (Wkkgz) is er geen VOG nodig voor vrijwilligers in de zorg. Als u echter van een vrijwilliger een VOG wilt is dat natuurlijk mogelijk. VGN adviseert voor vrijwilligers die in direct contact staan met cliënten een VOG te laten overleggen. Speciaal voor de aanvragen van een VOG voor de cruciale beroepsgroepen heeft screeningsautoriteit Justis een spoedprocedure gemaakt. Een aanvraag via de spoedprocedure duurt ongeveer 5 werkdagen.

Vrijwilligers komen in aanmerking voor een gratis VOG.

Welke tijden mag een vrijwilliger werken? + -

De Arbeidstijdenwet geldt niet voor vrijwilligers van 18 jaar of ouder. Vrijwilligers van 16 of 17 jaar mogen geen arbeid verrichten tussen 23.00 uur en 06.00 uur. Voor kinderen van 15 jaar en jonger die vrijwilligerswerk doen, gelden dezelfde regels als voor (lichte) arbeid waarvoor ze betaald worden.

Is een vrijwilliger verzekerd bij ongevallen of bij het veroorzaken van schade? + -

Nee, een vrijwilliger is niet automatisch verzekerd. Er wordt aangeraden om voor vrijwilligers een ongevallen en aansprakelijkheidsverzekering af te sluiten. De mogelijkheid bestaat dat via de woon- of werkgemeente een collectieve verzekering voor vrijwilligers is gesloten. Dit kunt u het beste navragen bij de desbetreffende gemeente.

a. Bij het veroorzaken van schade: als een cliënt schade lijdt door een fout van iemand die de zorgaanbieder inzet voor werkzaamheden ten behoeve van een cliënt, dan is de zorgaanbieder daarvoor aansprakelijk. Hoewel de schade door de organisatie op de vrijwilliger kan worden verhaald adviseren wij als hoofdregel dit niet te doen en in de vrijwilligersovereenkomst op te nemen dat de organisatie dergelijke schade niet op de vrijwilliger zal verhalen, tenzij de schade is veroorzaakt door opzet of bewuste roekeloosheid van de vrijwilliger.

b. Als de vrijwilliger schade lijdt: ook voor vrijwilligers geldt de werkgeversaansprakelijkheid als bij werkzaamheden door vrijwilligers schade wordt geleden. Als hoofdregel geldt dus dat er een zorgplicht is van werkgevers ook voor vrijwilligers. Er zijn uitzonderingen mogelijk, denk daarbij aan roekeloos gedrag.

Moet ik een vrijwilligersovereenkomst schriftelijk overeenkomen? + -

Er geldt geen verplichting om een vrijwilligersovereenkomst schriftelijk overeen te komen maar wij adviseren dit wel te doen. Dat geeft duidelijkheid over wat de vrijwilliger en de zorgaanbieder van elkaar mogen verwachten. Onderwerpen die in een vrijwilligersovereenkomst geregeld kunnen worden, zijn bijvoorbeeld: de taak van de vrijwilliger, zijn onkostenvergoeding, de plicht om zich aan instructies te houden, het melden van afwezigheid en de opzegging van de overeenkomst.

Is er een model vrijwilligersovereenkomst beschikbaar? + -

Ja, deze kunt u hier vinden. Uiteraard kunt u deze vrijwilligersovereenkomst aanpassen ten behoeve van uw organisatie.

Wanneer is er sprake van een arbeidsovereenkomst? + -

Er is sprake van een arbeidsovereenkomst als er sprake is van de volgende drie elementen:

1. een gezagsverhouding;
2. de plicht om persoonlijk de arbeid te verrichten;
3. loonbetaling.

Wij willen in plaats van vrijwilligersovereenkomst een arbeidsovereenkomst aangaan. Welke arbeidsovereenkomst is dan passend? + -

Er zal in verband met de extra inzet tijdens corona voornamelijk behoefte zijn aan een tijdelijke arbeidsovereenkomst. U kunt in totaal 3 tijdelijke contracten aangaan in een periode van 3 jaar.

Welke arbeidsvoorwaarden zijn van toepassing als er sprake is van een (tijdelijke) arbeidsovereenkomst? + -

Naast de bestaande wettelijke regels die op iedere werknemer van toepassing zijn, is op werknemers werkzaam in de gehandicaptensector de CAO Gehandicaptenzorg van toepassing. In de CAO Gehandicaptenzorg zijn arbeidsvoorwaarden opgenomen zoals salaris, onregelmatigheidstoeslag en vergoedingen voor overwerk en consignatiediensten.

Gezondheid en welzijn van professionals

Mag ik naar het buitenland reizen? + -

Het landelijke advies voor zorgmedewerkers is om zoveel als mogelijk niet naar het buitenland af te reizen en geen evenementen te bezoeken (ook als daar minder dan 100 mensen bij aanwezig zijn). 

Het advies is de richtlijnen toe te passen bij alle medewerkers die nodig zijn voor de continuïteit van zorg (RIVM: informatie over coronavirus voor professionals). Voor kantoormedewerkers en anderen gelden de algemene richtlijnen op de RIVM-site, zowel landelijk als specifiek voor Noord-Brabant.

Hoe informeer ik mijn medewerkers over het coronavirus? + -

AWVN heeft een voorbeeldbrief over het coronavirus opgesteld die u aan uw medewerkers kunt sturen. Wilt u uw medewerkers informeren over o.a. de symptomen van het coronavirus, wat zij kunnen doen om besmetting te voorkomen en wat zij moeten doen als ze in een risicogebied zijn geweest? Download de brief dan hier.

Waarom is er apart aandacht voor kwetsbare medewerkers? + -

Besmetting met het COVID-19 virus kan voor kwetsbare medewerkers extra grote gevolgen hebben voor hun gezondheid. Dat vraagt extra aandacht van de werkgever in de verantwoordelijkheid voor het bieden van een veilige werkplek.  

Wie zijn kwetsbare medewerkers? + -

Volgens het RIVM zijn kwetsbare personen of mensen met een zwakke gezondheid, mensen van 70 jaar of ouder of mensen met een van de volgende aandoeningen: 

  • afwijkingen en functiestoornissen van de luchtwegen en longen; 
  • chronische hartaandoeningen; 
  • diabetes mellitus;  
  • ernstige nieraandoeningen die leiden tot dialyse of niertransplantatie; 
  • verminderde weerstand tegen infecties door: 
    • medicatie voor auto-immuunziekten,  
    • na orgaantransplantatie,  
    • bij hematologische aandoeningen,   
    • bij aangeboren of op latere leeftijd ontstane afweerstoornissen waarvoor behandeling nodig is,  
    • of bij chemotherapie en/of bestraling bij kankerpatiënten; met een hivinfectie in overleg met de hiv-behandelaar. 

Kwetsbare personen behoren tot een hoogrisicogroep met een verhoogd risico op een COVID-19-infectie en/of een ernstig beloop van de ziekte. Het RIVM heeft preventiebeleid opgesteld voor maatregelen en social distancing beschreven voor hoogrisicogroepen. 

Heb je als werkgever een grotere verantwoordelijkheid voor kwetsbare medewerkers? + -

De werkgever heeft de verantwoordelijkheid om te zorgen voor een veilige werkplek voor alle medewerkers. Het kan zijn dat voor kwetsbare medewerkers extra aanpassingen of maatregelen nodig zijn. We adviseren over de mogelijkheden met de medewerker in gesprek te gaan. 

Welke aanpassingen kunnen bijdragen aan een veilige werkplek voor kwetsbare medewerkers? + -

In overleg met de medewerker kan bijvoorbeeld gekeken worden naar: 

  • taakherschikking binnen het team waardoor direct cliëntcontact wordt voorkomen of beperkt; 
  • inzet op een andere werkplek, locatie of afdeling in de organisatie; 
  • sneller inzetten van beschermende middelen; 
  • testen van cliënten/medewerkers voor zekerheid over risico’s; 
  • thuis werken. 

Wat als er ondanks allerlei inspanningen geen veilige werkplek kan worden geboden aan kwetsbare medewerkers? + -

Als in een specifieke situatie na overleg met de medewerker, blijkt dat het niet mogelijk is om een veilige werkplek te organiseren, kan het zijn dat een werknemer die behoort tot de hoogrisicogroep, niet of minder inzetbaar is. In dat geval is het raadzaam met de medewerker te overleggen over:  

  • Het opnemen van plusuren/PBL-uren/vakantie-uren/(on)betaald verlof en daarmee tijdelijk niet beschikbaar zijn voor werk; 
  • Het eventueel verplaatsen van te werken uren naar een later tijdstip in het kalenderjaar. 

De werkgever kan de werknemer hiertoe niet verplichten. Als geen passend werk voor handen is en in overleg met de werknemer geen oplossing is gevonden, dan behoudt de medewerker recht op zijn salaris, omdat het niet verrichten van zijn eigen werk in redelijkheid niet voor rekening van de werknemer komt (art. 7:628 BW). De medewerker dient zich wel beschikbaar te houden voor passend werk. 

Zijn zwangere medewerksters ook kwetsbaar of lopen zij extra risico om besmet te raken met het Covid-19 coronavirus? + -

Werknemers die zwanger zijn behoren niet tot de hoogrisicogroep volgens de definitie van het RIVM. Het RIVM heeft algemene uitgangspunten opgesteld voor gezonde zwangere medewerkers: Zwangerschap, werk en COVID-19

Het verdient aanbeveling om met zwangere medewerksters in gesprek te gaan over hun zorgen en over de mogelijkheden om het werk te blijven doen, eventueel door maatwerk toe te passen. Denk daarbij bijvoorbeeld aan: 

  • wees extra voorzichtig met nabijheid; 
  • zet eerder het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen in als dat de betreffende medewerker gerust stelt; 
  • kijk naar de mogelijkheden van taakherschikking binnen een team, zodat de betreffende medewerker ontlast wordt in direct cliëntcontact; 
  • de mogelijkheden voor alternatief werk of thuis werk; 
  • het verplaatsen van te werken uren of opnemen vakantie PBL of overuren
  • betrek eventueel de bedrijfsarts bij dit overleg. 

Hoe kunnen we het beste omgaan met medewerkers die thuis een gezins- / familielid hebben die tot de hoogrisicogroep behoort? + -

Werknemers die thuis een gezins-/ familielid hebben met een (chronische) onderliggende aandoening, behoren niet tot de hoogrisicogroep volgens de definitie van het RIVM. Hoewel de medewerker in principe zijn eigen werk kan blijven doen is het voorstelbaar dat dat deze medewerker (grote) zorgen geeft. 

Het verdient aanbeveling om met medewerkers die samenleven met een kwetsbare persoon, in gesprek te gaan over hun zorgen en over de mogelijkheden om het werk te blijven doen, eventueel door maatwerk toe te passen. Denk daarbij bijvoorbeeld aan: 

  • wees extra voorzichtig met nabijheid; 
  • zet eerder het gebruik van PBM in als dat de medewerker gerust stelt; 
  • kijk naar de mogelijkheden van taakherschikking binnen een team, zodat de betreffende medewerker ontlast wordt in direct cliëntcontact; 
  • de mogelijkheden voor alternatief werk of thuis werken (of thuiswerk); 
  • zet deze medewerkers niet in op locaties waar cliënten met (verdenking op) het covid-19 virus verblijven;
  • overleg over het verplaatsen van te werken uren of opnemen vakantie-uren, PBL-uren of plusuren. 

Gezondheid en welzijn van cliënten

Mag ik mijn familielid (of naaste) meenemen uit het verpleeghuis/gehandicapteninstelling en bij mij thuis in zorg nemen? + -

Onder normale omstandigheden is het natuurlijk mogelijk dat u uw familielid meeneemt naar huis, om bijvoorbeeld een paar dagen te logeren. De bescherming van cliënten, hun naasten en medewerkers hebben echter onze volledige aandacht. Onze inzet is er op gericht om in zorginstellingen, waar kwetsbare mensen samenwonen, verspreiding van het virus te voorkomen. Daarom zijn er zeer strikte maatregelen genomen. Vanwege het besmettingsgevaar achten wij het niet verstandig om een familielid uit een zorginstelling naar huis te halen. Er zijn een aantal punten waar u sterk rekening mee moet houden:

  • Wie neemt de zorg voor het familielid thuis op zich?
  • Thuiszorg is in deze moeilijke tijd niet snel te realiseren.
  • De zorginstelling die verantwoordelijk blijft voor de zorg, ook als uw naaste thuis is, zal in deze tijd misschien ook niet in staat blijken deze zorg thuis te leveren.
  • Wat gebeurt er als u zelf ziek wordt? Wie zorgt er dan voor uw familielid? 
  • Als de thuissituatie onhoudbaar wordt, is het mogelijk dat de zorginstelling uw familielid niet meer opneemt. 
  • Dit doen de zorginstelling om een eventuele besmetting in de zorginstelling te voorkomen.

Mensen die werken in de zorg realiseren zich heel goed hoe zwaar de genomen maatregelen zijn. Ze zijn zwaar voor u, voor uw familielid en voor de zorgmedewerkers. Echter deze maatregelen zijn wel nodig om uw familielid te beschermen. Wij zijn dagelijks in nauw overleg met vele partijen over hun en uw zorgen en behoeften.

Vragen over veiligheid van cliënten

Hoe ga ik om met de Wzd ten tijde van het coronavirus? + -

VWS heeft hier een document over gemaakt. Dit document vindt u hier.

Heeft u een vraag, die hierboven niet aan de orde komt, stuur dan een e-mail naar corona@vgn.nl.